De vervloeking van Gilboa

In het noorden van Israël, ligt het Gilboa gebergte. Het begrenst de vruchtbare vlakte van Jizreël aan de zuidoostkant.

In het ontroerende klaaglied van David 2 Samuel 1:17-27 is te lezen dat hij het Gilboa gebergte vervloekt heeft, omdat daar zijn vriend Jonathan en koning Saul waren gesneuveld. Bovendien waren de Israëlieten een groot deel van hun leefgebied kwijtgeraakt aan de Filistijnen.

Bergen van Gilboa, laat geen dauw of regen meer op u zijn, op de hooggelegen velden; want daar is het schild van de helden smadelijk weggeworpen, het schild van Saul, niet meer gezalfd met olie.

Het valt niet historisch te controleren of er inderdaad geen dauw of regen meer op deze bergen kwam. Het is wel regelmatig vastgelegd dat er vrijwel niets op groeide.

De Britten hebben in de jaren 1920 pogingen gedaan tot aanplant van bomen. Dit had niet veel succes, en de heersende opvatting was dat Mount Gilboa ongeschikt was voor bossen.

Nadat de staat Israël was gesticht, heeft het Joods Nationaal Fonds het opnieuw geprobeerd. Toen bleven de bomen wel groeien! 

Bron: Jewish National Fund

Nu is de Gilboa een groen gebergte. Hier een stel foto’s die ik daar bij verschillende bezoeken heb gemaakt. Er zijn veel mooie bloemen, met als ster de Gilboa Iris!

Het is overduidelijk. Nu het volk Israël weer in het Land is, is de vloek van David uitgewerkt!

Heilig Grafkerk in Jeruzalem

De Heilig Grafkerk in Jeruzalem is een wonderlijke, zelfs bizarre plek.

Kaarsen, wierook, drukte, geloof, bijgeloof, devotie.

Gelovigen verdringen zich om de plaatsen aan te raken waar het lichaam van Jezus zou hebben gelegen. Zelf aanraken en ook kaarsen en souvenirs, die daardoor een heiligheid zouden krijgen. Die voorwerpen worden doorgaans meegenomen in vuilniszakken. Op zich geen gek idee. Wij zijn als vuilnis, maar door Jezus aan te raken worden we heilig!

Zelf voel ik me daar wel een vreemde tussen de geloofsgenoten, maar mooie plaatjes schieten, dat gaat fantastisch!