Het boek Daniël is qua inhoud mooi in twee delen verdeeld. Eerst 6 hoofdstukken geschiedenis over Daniël, daarna 6 hoofdstukken profetieën van Daniël. Samen het mooie getal 12 dus.
Waar vind je in dit boek over Jezus Christus? Het meest opvallend is het eerste hoofdstuk van het tweede deel (hoofdstuk 7). Daar wordt de “Mensenzoon” geïntroduceerd. De aanduiding waarmee Jezus zichzelf vaak noemde. De mens die eeuwig over de wereld zal regeren.
Wonderlijk genoeg vertelt ook het laatste hoofdstuk van het eerste deel (hoofdstuk 6 dus) over Jezus. Personen als Izaäk, Jozef en Jona worden wel typen van Christus genoemd, omdat iets in hun leven een voorafschaduwing is van het leven van Christus. Daniël is het ook in het verhaal van de Leeuwenkuil!
Overeenkomsten
Hier volgen twaalf overeenkomsten. De citaten zijn uit de Herziene Statenvertaling (HSV), tenzij anders aangegeven.
1. Uit afgunst overgeleverd door leiders
Daniël 6:4,5 Toen overtrof deze Daniël de rijksbestuurders en de stadhouders, omdat er een uitzonderlijke geest in hem was. De koning overwoog hem over heel het koninkrijk aan te stellen. Daarop gingen de rijksbestuurders en de stadhouders zoeken naar een grond voor een aanklacht tegen Daniël.
Mattheüs 27:17,18 Want hij (Pilatus) wist dat zij Hem uit afgunst overgeleverd hadden.
2. De vijanden gingen zoeken naar een manier om hem aan te klagen
Daniël 6:5a Daarop gingen de rijksbestuurders en de stadhouders zoeken naar een grond voor een aanklacht tegen Daniël inzake het koninkrijk,
Mattheüs 26:59a De overpriesters en de oudsten en heel de Raad zochten een valse getuigenverklaring tegen Jezus, zodat zij Hem zouden kunnen doden,
3. Hij was onschuldig
Daniël 6:5b maar zij konden geen enkele grond voor een aanklacht, of iets verkeerds vinden, omdat hij betrouwbaar was en er geen nalatigheid of iets verkeerds bij hem te vinden was.
Mattheüs 26:59b maar zij vonden niets.
Johannes 18:38 Pilatus (…) zei tegen hen: Ik vind geen schuld in Hem.
4. De beslissing viel bij gebed
Daniël 6:11 Toen Daniël te weten kwam dat dit bevelschrift ondertekend was, ging hij zijn huis binnen. Nu had hij in zijn bovenvertrek open vensters in de richting van Jeruzalem. Op drie tijdstippen per dag ging hij op zijn knieën, bad hij en dankte hij voor het aangezicht van zijn God, precies zoals hij voordien had gedaan.
Mattheüs 26:36 Toen ging Jezus met hen naar een plaats die Gethsémané heette, en zei tegen de discipelen: Ga hier zitten, terwijl Ik daar ga bidden.
39. En nadat Hij iets verder gegaan was, wierp Hij Zich met het gezicht ter aarde en bad: Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan. Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt.
5. Overvallen tijdens dat gebed
Daniël 6:12 Maar toen drongen de mannen zijn huis binnen en troffen Daniël aan terwijl hij zich smekend tot zijn God richtte (NBV21).
Mattheüs 26:47 Nog voor Hij uitgesproken was, kwam Judas eraan, een van de twaalf, in gezelschap van een grote, met zwaarden en knuppels bewapende bende, die door de hogepriesters en de oudsten van het volk was gestuurd.
6. Uiteindelijk veroordeeld vanwege zijn relatie tot God.
Daniël 6:14 Toen antwoordden en zeiden zij in de tegenwoordigheid van de koning: Daniël, een van de ballingen uit Juda, heeft op u, o koning, en op het verbod dat u ondertekend hebt, geen acht geslagen, maar op drie tijdstippen per dag doet hij zijn gebed.
Mattheüs 26:64,65 Jezus zei tegen hem: U hebt het gezegd. Maar Ik zeg u: Van nu aan zult u de Zoon des mensen zien zitten aan de rechterhand van de kracht van God en zien komen op de wolken van de hemel. Toen scheurde de hogepriester zijn kleren en zei: Hij heeft God gelasterd. Waarom hebben wij nog getuigen nodig? Zie, nu hebt u Zijn godslastering gehoord.
7. De heerser doet zijn best om het vonnis te voorkomen.
Daniël 6:15 Toen de koning dit woord hoorde, nam hij het zichzelf zeer kwalijk en hij zette zijn hart erop om Daniël te verlossen. Tot zonsondergang spande hij zich in om hem te redden.
Johannes 19:12 Van toen af probeerde Pilatus Hem los te laten,
8. Een steen voor de kuil/het graf
Daniël 6:18a Er werd een steen gebracht en op de opening van de kuil gelegd.
Mattheüs 27:59,60 En Jozef nam het lichaam in ontvangst, wikkelde het in zuiver fijn linnen, en legde het in zijn nieuwe graf, dat hij in de rots uitgehakt had; en nadat hij een grote steen voor de ingang van het graf gewenteld had, ging hij weg.
9. De kuil/het graf verzegeld
Daniël 6:18b De koning verzegelde die met zijn ring en de ring van zijn machthebbers, zodat de maatregel met betrekking tot Daniël niet veranderd kon worden.
Mattheüs 27:66 Zij gingen erheen en beveiligden het graf met de wacht, nadat zij de steen verzegeld hadden.
10. Vrienden staan vroeg op om naar de kuil/het graf te gaan
Daniël 6:20 Vroeg in de morgen, toen het licht werd, stond de koning op. Haastig vertrok hij naar de leeuwenkuil.
Lukas 24:1 En op de eerste dag van de week gingen zij (enkele vrouwen die Jezus volgden), heel vroeg in de morgen, naar het graf.
11. Tegen verwachting: Hij leeft!
Daniël 6:22,23 Toen sprak Daniël tot de koning: O koning, leef in eeuwigheid! Mijn God heeft Zijn engel gezonden en Hij heeft de muil van de leeuwen toegesloten. Ze hebben mij geen letsel toegebracht, omdat ik voor Hem onschuldig ben bevonden. Ook tegen u, o koning, heb ik geen misdaad begaan.
Mattheüs 28:5,6 Maar de engel antwoordde en zei tegen de vrouwen: U hoeft niet bevreesd te zijn, want ik weet dat u Jezus zoekt, Die gekruisigd was. Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kom, zie de plaats waar de Heere gelegen heeft.
12. De beschuldigers en hun kinderen worden gestraft
Daniël 6:25 Vervolgens beval de koning en men haalde die mannen die Daniël openlijk hadden beschuldigd, en men wierp hen, hun kinderen en hun vrouwen, in de leeuwenkuil.
Mattheüs 27:25 En heel het volk antwoordde en zei: Laat Zijn bloed maar komen over ons en over onze kinderen!
Dit is werkelijkheid geworden toen, 40 jaar later, de fanatieke mensen die dit riepen, of anders hun kinderen, zijn omgekomen in de Joodse Oorlog.
Later is deze tekst misbruikt, alsof de vloek eeuwig zou doorgaan. Ik ben ervan overtuigd dat Mattheus het heeft bedoeld, zoals boven. Letterlijk de kinderen.
Hoe kan dit? Zoveel parallellen!
Als Jood zou je kunnen gaan denken dat christenen het verhaal van de leeuwenkuil hebben bedacht naar het model van de dood en opstanding van Jezus. Maar dat kan helemaal niet! Andersom dan? Zoveel feiten kun je niet manipuleren. Het antwoord laat ik graag over aan de lezers. Zelf verwonder ik me er vooral over.
Het lijkt me wel goed mogelijk dat Mattheus en Lucas zinnen in hun evangelie hebben vormgegeven naar het verhaal van Daniel in de leeuwenkuil, dat zij kenden. Sommige van bovenstaande citaten lijken wel erg veel op elkaar!
Psalm 22
‘Jezus in de Leeuwenkuil’, een gek idee? Psalm 22 wordt vaak gezien als een profetie over de kruisiging en opstanding van Jezus. Ook daarin vinden we teksten over leeuwen.
Over dit onderzoekje
Het is leuk om zelf iets bijzonders in de Bijbel te ontdekken. Het is ook leuk om daarna te zien dat anderen dat ook hebben gevonden. Over de Bijbel hebben al zoveel mensen nagedacht. Het zou heel vreemd zijn, als je echt de eerste en enige bent. ‘If it’s new, it’s not true‘.
Even zoeken leverde het volgende op.
Evangeliegemeente “De Reddingsark”: Daniel in de leeuwenkuil als type van Christus.
In het boek De tijd van het einde. Door de ogen van Daniel van Wim Grandia staat ook over deze bijzondere parallel.
