Paaslied 22

Een psalm van David staat er boven Psalm 22. We mogen aannemen dat David hem opgeschreven heeft, maar we zouden hem beter ‘Een psalm van Jezus’ kunnen noemen. David kan namelijk nooit zelf meegemaakt hebben wat hier beschreven staat. Dit is een profetie.

Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten, bent U ver van mijn verlossing, van de woorden van mijn jammerklacht?

Zo begint de psalm met woorden die Jezus heeft gezegd aan het kruis. Die van God verlatenheid is nooit zo waar geweest als op dat moment. (Mattheus 27:46)

De kruisiging - Rembrandt van Rijn 1631

We lezen verder een realistische beschrijving van de dood door kruisiging.

    • De toeschouwers (v. 8). Het was een openlijke gebeurtenis.
    • De overvloedige transpiratie veroorzaakt door intens lijden (vs. 15a).
    • De beenderen (van de handen, armen, schouders en het bekken) zijn ontwricht (vs. 15b).
    • De verzwakking van het hart (vs. 15c).
    • De kracht uitgeput en extreme dorst (vs. 16a,b).
    • De handen en voeten doorboord (vs. 17c).
    • De naaktheid (vs. 18).

Dit is des te wonderlijker, omdat kruisiging ten tijde van het schrijven van deze psalm nog niet bestond in Israël!

De kruisiging - Isenheimer Altaar - Matthias Grunewald

Ook de beschreven omstandigheden zijn precies zoals ze vervuld zijn toen Christus gekruisigd werd.

    • De eenzame kreetMijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten’  (vs. 2, Mattheus 27:46).
    • De toeschouwers die er mee spotten dat Hij tijdens zijn leven op God vertrouwde en nu hulpeloos is (vs. 9, Mattheus 27:43).
    • Het verdelen van kleren en het loten om zijn gewaad (vs. 19, Johannes 19:24). Iemands kleren ga je pas verdelen als de bezitter dood is, of als je zeker weet dat hij straks gaat sterven.

Het gaat hier echt om iemand die sterft, niet om iemand die op het nippertje wordt gered. ‘U legt mij in het stof van de dood’ staat er in vers 16.

U legt mij in het stof van de dood

De wending komt in vers 22c ‘Ja, U hebt mij verhoord!’  (In de HSV komt dit beter uit dan in de oude SV). Vanaf hier zien we Christus in Zijn opstanding en wordt de psalm een paaslied. Jezus zag welke geweldige gevolgen Zijn overwinning over de dood zou hebben.

Heilig Grafkerk Jeruzalem
Een lichtstraal door de Heilig Grafkerk, Jeruzalem

De eerste zin na de wending is vers 23:

 Ik zal Uw Naam mijn broeders vertellen,
in het midden van de gemeente zal ik U loven.

De eerste opdracht die Jezus gaf na Zijn opstanding, was tot Maria Magdalena: ‘Ga naar Mijn broeders en zeg tegen hen: Ik vaar op naar Mijn Vader en uw Vader, en naar Mijn God en uw God‘  (Johannes 20:17). Precies zoals in Psalm 22 staat dus!

De verschijning van Christus aan Maria Magdalena - Jacob Cornelisz. van Oostsanen

De psalm gaat verder met de gevolgen van Zijn opstanding.

U die de HEERE vreest, loof Hem;
alle nakomelingen van Jakob, vereer Hem;
wees bevreesd voor Hem, alle nakomelingen van Israël.

Het evangelie is eerst voor de Jood en dan voor de heiden (Romeinen 1:16).

 Want Hij heeft de ellendige in zijn ellende
niet veracht en niet verafschuwd;
Hij heeft Zijn aangezicht niet voor hem verborgen,
maar Hij heeft gehoord, toen hij tot Hem riep.

Van U zal mijn lof zijn in een grote gemeente,
mijn geloften zal ik nakomen in bijzijn van wie Hem vrezen.
De zachtmoedigen zullen eten en verzadigd worden;
wie de HEERE zoeken, zullen Hem loven.
Uw hart zal voor eeuwig leven.

Deze laatste tekst gaat over het eeuwige leven, dat Jezus door Zijn dood en opstanding heeft bewerkt voor wie geloven (‘Uw‘ is meervoud. ‘ulieder‘ in de Statenvertaling). 

De engel bij het graf

Nog grotere gevolgen!

Alle einden der aarde
zullen eraan denken en zich tot de HEERE bekeren:
alle geslachten van de heidenvolken
zullen zich voor Uw aangezicht neerbuigen.
Want het koningschap is van de HEERE,
Hij heerst over de heidenvolken.

Het heil is ook voor de heidenen. 

Er zijn uitleggers die deze psalm niet op Jezus betrekken, maar op David zelf of op een ander mens.  Die uitleggers moeten zich dan wel afvragen hoe iemand het in zijn hoofd kan halen dat zijn redding zulke grote gevolgen zal hebben!

De Aanbidding van het Lam Gods - Hubert en Jan van Eyck

Alle groten der aarde
zullen eten en zich neerbuigen.
Allen die in het stof neerdalen
en hun ziel niet in het leven kunnen behouden,
zullen voor Zijn aangezicht neerbukken.

Voor ‘groten’ staat letterlijk ‘vetten’ (zie de oude SV). Meestal wordt dit opgevat als de welgestelde, belangrijke mensen. Je kunt het ook lezen als ‘de mensen die op aarde tieren’. De levenden dus. ‘Die in het stof neerdalen en hun ziel niet in het leven kunnen behouden’, dat zijn de doden. Christus heeft de opstanding bewerkt. Alle levenden en alle doden zullen zich voor God neerbuigen.

Filippenzen 2:9-11 Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.

 Het nageslacht zal Hem dienen,
en aan de Heere toegeschreven worden tot in generaties.
Zij zullen komen en Zijn gerechtigheid verkondigen
aan het volk dat geboren zal worden,
want Hij heeft het gedaan.

Het evangelie zal de generaties door verkondigd worden. De toekomst is aan het Koninkrijk van God!

Ansgar predikte het evangelie in Denemarken en Zweden
MAF - Our Vision - To see isolated people changed by the love of Christ

Er zijn veel lijdens- en paasliederen, waarin over het lijden en de opstanding van Christus gezongen wordt. In psalmen zoals deze zingen we niet óver, maar mét de lijdende en opgestane Christus mee.

Maar ook andersom: Christus zingt mee met Zijn gemeente. Zo maken we met het zingen zelf de vervulling mee van vers 23 en 26: ‘In het midden van de gemeente zal ik U loven’ en ‘Van U zal mijn lof zijn in een grote gemeente.’

Zo zijn psalmen, voor zover ik weet, de enige liederen waarin we daadwerkelijk de eenheid met Christus ervaren. Daardoor is voor mij Psalm 22 het mooiste paaslied!

Dat iemand 3000 jaar geleden iets geschreven heeft
Wat 1000 jaar daarna gebeurd is
En dat wij dat weer 2000 jaar later zingen in de kerk.
Kun je iets wonderlijkers bedenken?

Berijming 1773 vers 13 en 16

Ik loof eerlang U in een grote schaar,
En, wat ik U beloofd’ In’t heetst gevaar,
Betaal ik, op het heilig dankaltaar,
Bij die U vrezen,
’t Zachtmoedig volk zal rijk verzadigd wezen,
Ten dis geleid.
Wie God zoekt, zal Hem prijzen.
Zo leev’ Uw hart, door ’s hemels gunstbewijzen,
In eeuwigheid!

Zij komen aan, door Godd’lijk licht geleid,
om ’t nakroost, dat den HEER wordt toebereid,
te melden ’t heil van Zijn gerechtigheid
en grote daden.

Kalenderblaadje

Mijn opa, Arie den Boer, was boer in hart en nieren. In de buurt van Strijen, waar zijn voorgeslacht eeuwen had gewoond, pachtte hij een boerderij. Die was eigendom van een grootgrondbezitter. Op 5 mei 1939 kwam een vertegenwoordiger van deze eigenaar langs. Hij deelde mee dat de grondbezitter ermee stopte om boerderijen te verpachten. Ze zouden allemaal bij opbod worden verkocht. Dit was een grote schok voor mijn opa en zijn gezin. Ze gingen een onzekere toekomst tegemoet.

Die avond las hij naar zijn gewoonte het blaadje van de scheurkalender. ‘Moet je nou eens kijken!’, riep hij uit! ‘Gij, o Heere! Alleen zult mij doen zeker wonen’, Psalm 4:9. Dat was de tekst van die dag. De schok sloeg om in hoop.

Toen het plan voor de verkoping bekend werd, bleek familie van de moeder van mijn opa bereid om de boerderij te kopen. Ze wisten wel van tevoren bij de eigenaar te bereiken dat de boerderij voor een bepaald bedrag aan hun ‘gegund’ zou worden. Voor een opgedreven prijs bij een openbare verkoping hadden ze niet genoeg geld.

Zodoende kon mijn opa met zijn gezinnetje op zijn boerderij blijven wonen. Tijdens de oorlogsjaren, die volgden, is er van alles in de buurt kapotgeschoten. Of de bewoners moesten vertrekken, omdat de omgeving door de bezetter onder water werd gezet om een eventuele opmars van de geallieerden te belemmeren. Zo ook de familieleden die de boerderij hadden gekocht. Die konden toen komen logeren. Iedereen sliep wel in de kelder, vanwege het risico dat de geallieerden vanaf de overkant van het Hollands Diep op de Duitse soldaten zouden gaan schieten, die zich rond de boerderij ophielden. Ondanks dat er inslagen in de buurt zijn geweest, kwam er geen schade.

De familie-eigenaren hadden vastgelegd dat, als de laatste zou overlijden, mijn opa de hoeve zou krijgen. Hoe dat precies geregeld was met erven en kopen met eigen spaargeld, weet ik eigenlijk niet. Feit is, dat in 1959, opa met mijn vader, zijn schoonzoon, zelf eigenaren werden van de boerderij die hij eerst had moeten pachten!

Het bewuste kalenderblaadje heeft hij steeds bewaard. Het zit nog in een map met belangrijke papieren van mijn moeder.

De belofte van Psalm 4 heeft gewerkt tot in de huidige tijd. Mijn broer en schoonzus hebben het bedrijf groter en mooier kunnen maken dan het ooit is geweest!  https://www.landzichtbiologisch.nl/

Het bewuste blaadje van de scheurkalender

Psalm 29 – Een elektrische psalm

Psalm 29
Gods Majesteit in het Onweer
Door de eeuwen heen heeft God zijn kracht en majesteit laten zien in het onweer, een elektrisch verschijnsel.
Hij heeft ook iets van die kracht, de elektriciteit, gegeven aan de mensen (Psalm 29:11)
Hij heeft dat gedaan via Michael Faraday (1791-1867), een onderzoeker met een bijzondere levensgeschiedenis.
Michael Faraday geloofde dat ‘God Zijn schepping mooi had gemaakt en altijd heeft bedoeld voor ons goed. Onderzoek van die schepping geeft ons daarom een kans om ons leven te verbeteren’. Faraday vond zo’n kans!
Hij ontdekte het principe van de elektromotor en ook hoe je elektriciteit kunt opwekken door een dynamo/generator. Zo werken fietsdynamo’s, alle elektrische centrales en windmolens.
Door die ontdekkingen veranderde elektriciteit van een speeltje voor wetenschappers tot iets waar alle mensen nut van hebben.
Dat nut groeit nog steeds! Kijk maar naar alle elektrische lampen, apparaten, mobieltjes en auto’s die we nu gebruiken.

Psalm 131 kaart

Toelichting

Beeld

Bij het zoeken in mijn fotoverzameling naar een passende afbeelding voor de kaart, liep ik deze tegen het lijf. Ooit bij een kennis aan de muur zien hangen.

Tekst

Dit is een eigen vertaling. Ik heb geprobeerd om de bedoeling weer te geven, zoals iemand het nu op zou kunnen schrijven. Dat wil niet zeggen, dat ik hem beter vind dan welke officiële vertaling dan ook. Vanuit dezelfde tekst zijn altijd meerdere vertalingen mogelijk. Voor kerk en studie prefereer ik een vertaling die, als er verschillende interpretaties mogelijk zijn, dit aan de lezer overlaat. Die op deze kaart vult dat juist voor je in.

In deze vertaling heb ik het woord ‘ziel’ wegvertaald. Het is een ervaringsfeit en zeker bijbels, dat een mens meer is dan alleen een lichaam. Maar in oude tijden was het gebruikelijk om over ‘je ziel’ te spreken als wij ‘jezelf’ zeggen. Ook waren er uitdrukkingen als ‘mijn ziel verblijdt zich’ en ‘mijn ziel weet dat’. Nu zeg je iets als ‘ik voel me blij’ en ‘ik ben me ervan bewust’.

De hoeksteen van deze psalm

In het Hebreeuws hebben letters een getalswaarde. Een woord heeft dan de getalswaarde van al zijn letters bij elkaar opgeteld. Er zijn heel wat psalmen waarbij het aantal woorden van de psalm precies gelijk is aan de getalswaarde van het kernwoord. In dit geval is dat aantal 30. Het kernwoord is ‘hoop‘ of ‘verwacht‘.

Dat woord staat aan het begin van de laatste zin. Daarmee fungeert het als een soort hoeksteen, waarop de hele psalm rust. Daarom heb ik de letters van die woorden groter gemaakt dan de andere.

Alleen door onze hoop en verwachting op de HEER te stellen, kunnen we tot die innerlijke, kinderlijke, rust komen.

C.H. Spurgeon: ‘Dit is een van de kortste psalmen om te lezen, maar een van de langste om te leren‘.

Een Psalm voor David?

Van wie is Psalm 55? Zeg niet te snel: ‘Van David natuurlijk, dat staat boven de Psalm’. 

Het Hebreeuwse voorzetsel dat met “van” is vertaald heeft meerdere betekenissen. Bijvoorbeeld ook “voor“. Voor de koorleider is een veel voorkomend opschrift. In de grondtekst staat daar hetzelfde voorzetsel.

Eerst de psalm maar eens lezen.

 

Psalm 55

Een onderwijzing van David, voor de koorleider, bij snarenspel.

O God, neem mijn gebed ter ore,
verberg U niet voor mijn smeken,
Ik zwerf rond in mijn klagen en kreun,
vanwege het schreeuwen van de vijand,
vanwege de goddeloze die angst aanjaagt.

Want zij storten onrecht over mij uit,
in toorn haten zij mij.
Mijn hart beeft in mijn binnenste,
dodelijke schrik heeft mij overvallen.
Vrees en beven komen over mij,
huiver bedekt mij.

Daarom zeg ik: Och, gaf iemand mij vleugels als van een duif!
Ik zou wegvliegen naar waar ik blijven kon.
Zie, ik zou ver wegzwerven,
ik zou overnachten in de woestijn. Sela
Ik zou mij haasten zodat ik zou ontkomen
aan de rukwind, aan de storm.

Verslind hen, Heere, verwar hun taal,
want ik zie geweld en onenigheid in de stad.
Die omringen haar op haar muren, dag en nacht;
onrecht en onheil zijn binnen in haar.
Enkel verderf is binnen in haar;
list en bedrog wijken niet van haar plein.

Immers, het is geen vijand die mij hoont,
anders zou ik het verdragen hebben;
het is niet mijn hater die zich tegen mij verheft,
anders zou ik mij voor hem verborgen hebben.

Maar u bent het, o sterveling, als mijn gelijke,
mijn leidsman en mijn bekende.
Wij die zeer aangenaam en vertrouwelijk met elkaar omgingen,
wij wandelden in gezelschap van velen naar Gods huis!
Laat de dood hen als een schuldeiser overvallen,
laat hen levend in het graf neerdalen;
want kwaad heerst in hun woning, in hun binnenste.

Ik echter, ik zal tot God roepen
en de HEERE zal mij verlossen.
’s Avonds, en ’s morgens, en ’s middags
zal ik klagen en kermen,
en Hij zal mijn stem horen.

Hij heeft mijn ziel in vrede verlost
van de strijd tegen mij,
want met velen waren zij tegen mij.

God zal horen en hen vernederen
– Hij, Die van oudsher troont – Sela
omdat bij hen geen enkele verandering is
en zij God niet vrezen.

Hij slaat zijn handen aan wie vrede met hem had,
hij ontheiligt zijn verbond.
Zijn mond is gladder dan boter,
maar zijn hart wil strijd;
zijn woorden zijn zachter dan olie,
maar het zijn getrokken zwaarden.

Werp uw zorg op de HEERE,
en Híj zal u onderhouden;
Hij zal voor eeuwig niet toelaten
dat de rechtvaardige wankelt.

Maar U, o God, U zult de mannen van bloed en bedrog
doen neerdalen in de put van het verderf;
zij zullen nog niet de helft van hun dagen bereiken.
Ik echter vertrouw op U.

(HSV)

Wetenschappelijk artikel

De Duitse theologe Ulrike Bail heeft een artikel geschreven: Psalm 55 and violence against women, waarin ze betoogt dat deze psalm heel goed past bij een vrouw die is verkracht.
    • De verwarrende, wisselende, gevoelens en gedachten
      • van hopeloosheid (mijn hart beeft, dodelijke schrik…);
      • van weg willen zijn (vleugels als een duif’…);
      • van wraak (verslind hen, verwar hun taal…).
    • Het feit dat de dader, wat meestal het geval is, iemand is uit de naaste omgeving. (Wij die zeer aangenaam en vertrouwelijk met elkaar omgingen).
    • Overeenkomsten van vers 10-12 (want ik zie geweld en onenigheid in de stad … list en bedrog wijken niet van haar plein.) met het verhaal van de gruweldaad in Gibea in Richteren 19, waar een vrouw zodanig wordt verkracht dat ze er aan overlijdt.
De theologe gaat in dit wetenschappelijk artikel niet zo ver dat ze beweert dat de schrijfster inderdaad een misbruikte vrouw is. Alleen dat het goed mogelijk is. Helemaal waagt ze zich niet aan speculatie over een bepaalde vrouw. Toch moet ze vast wel aan iemand hebben gedacht!

Een voor de hand liggende vrouw

Iemand ligt namelijk erg voor de hand. Er is een vrouw in de Bijbel, die is verkracht, die ook nog eens uit de kring van David kwam: zijn dochter Tamar. In 2 Samuel 13 staat beschreven hoe haar halfbroer, kroonprins Amnon, zich aan haar vergreep. Haar volle broer Absalom zorgde er toen voor dat ze geen rechtszaak kon beginnen. Dit gaf hem de mogelijkheid om Amnon uit eerwraak te doden, zodat hijzelf de kroonprins kon worden. Een vrouw als speelbal van “mannen van bloed en bedrog”. De zin “zij zullen nog niet de helft van hun dagen bereiken” past helemaal. In het vervolg van het verhaal in 2 Samuel kunnen we lezen dat de mannen die Tamar hebben verkracht en beknot beiden jong aan hun eind zijn gekomen.
Och, gaf iemand mij vleugels als van een duif! Palmtortel in Israel

Hint van de samenstellers?

Het lijkt erop dat de Levieten of priesters die het boek Psalmen definitief hebben samengesteld sommige psalmen een symbolisch nummer hebben gegeven. Bijvoorbeeld de grootste, meest gestructureerde, psalm is 119. Dat is 7x17. Het getal van de volmaaktheid vermenigvuldigd met een getal dat de Naam van God aanduidt. (toelichting)

De numerieke waarde van de naam Tamar in het Hebreeuws is 55! De cijferwaarde van de letters T M R is 22 + 13 + 20 = 55. Dit aantal is ook terug te vinden in het verhaal van Tamar in 2 Samuel 13. Zowel de passage waarin Tamar de verkrachting probeert te voorkomen (2 Samuel 13:11-14), als de passage van de nasleep (2 Samuel 13:20-22) bestaan uit 55 woorden. Zie General Introduction to Logotechnical Analysis van Casper Labuschange.

Zo kunnen de samenstellers hebben gehint dat ook zij ervan overtuigd waren dat Psalm 55 over Tamar gaat.

Een psalm van een vrouw?

Het idee dat een psalm door een vrouw is geschreven, kan even wennen zijn. Toch is het niet vreemd. We hebben ook het Lied van Debora.

Hör’ mein Bitten

Het bekendste koorwerk van Felix Mendelssohn is Hör’ mein Bitteneen bewerking van Psalm 55:2-8, voor koor en sopraan solo! Hoe zou de componist  daarop gekomen zijn? Vermoedde hij ook een vrouwelijke dichter?

Bij de eerste uitvoering, op 8 januari 1845 in Londen, werd de orgelbegeleiding verzorgd door Ann Mounsey, één van de eerste vrouwelijke organisten in Engeland. Dat zal wel toeval geweest zijn, maar ook helemaal passend!

Jonge vrouw met schrijfstift en was tablet. Fresco uit Pompeï.

Voor wie geschreven?

Op zich kan het al therapeutisch zijn om een traumatische ervaring van je af te schrijven. Maar dit is een gebed, gericht tot God! Hij kan handelen en heeft dat ook gedaan.

Toch kan hier niet alles mee zijn gezegd. Het feit dat deze psalm in het boek Psalmen staat, bewijst dat hij verder is gekomen dan het kamertje van Tamar. Voor wie was hij vooral van belang? Voor David! Hij moest ook weten hoe zijn dochter zich voelde en hoe zij zich tot God richtte in haar leed.

Zo kan het zijn dat hij toch van David in het Psalmboek is gekomen. Maar, als bovenstaand idee wat betreft de schrijfster klopt, moeten we in dit geval inderdaad vertalen: Voor David!

Jozef in de Babylonische Ballingschap

Psalm 126

Een pelgrimslied

Toen de HEERE de gevangenen van Sion terug deed keren,
waren wij als dromers.

Toen werd onze mond vervuld met lachen
en onze tong met gejuich.
Toen zei men onder de volken:
De HEERE heeft grote dingen bij hen gedaan!
De HEERE heeft grote dingen bij ons gedaan,
daarom zijn wij verblijd.

HEERE, breng een omkeer in onze gevangenschap,
zoals waterstromen in het zuiden.

Wie met tranen zaaien,
zullen met gejuich maaien.
Wie het te zaaien zaad draagt,
gaat al wenend zijn weg;
maar hij zal zeker terugkomen met gejuich,
en zijn schoven dragen!

Vertaling: HSV het een paar kleine “verbeteringen”

Babylonische ballingschap

Deze psalm is te plaatsen na de terugkeer uit de Babylonische ballingschap. In de boeken Haggaï, Ezra en Nehemia kunnen we lezen over de blijdschap van de bevrijding, maar ook over de problemen die er nog waren. Zoals misoogsten (Haggaï 2:16-20) en tegenstand (Ezra 4, Nehemia 4 en 6).

Spelfout?

In de Hebreeuwse grondtekst loop je direct tegen iets vreemds aan. Namelijk het woord voor “gevangenen”, anderen vertalen “lot”. Dat woord lijkt verkeerd gespeld שיבת, shivath, in plaats van שבית, shevith. Daar komen we zo op terug. 

Dromers

De zin “wij waren als dromers” vatten wij meestal op als dat ze het amper konden geloven. Echter in de Bijbel zijn dromen altijd voorspellingen die uitkomen. Dus betekent deze zin eerder dat ze zichzelf zagen als de vervulling van een profetie. Hét grote voorbeeld van zo’n dromer is Jozef. Hij wordt zelfs de “meesterdromer” genoemd (Genesis 37:19).

Schoven

Over de inhoud van deze psalm valt veel te zeggen, maar we gaan direct door naar de laatste regel: “Hij zal zeker terugkomen met gejuich, en zijn schoven dragen!” Dit woord voor “schoven”, עלומה, alumah, komt verder maar op één plaats in de Bijbel voor. Dat is ook in het verhaal van Jozef (Genesis 37:7)!  Als hij droomt dat de schoven van zijn broers buigen voor die van hem.

Spelfout!

Gaan we zoeken op het vreemde woord שיבת ,shivath, uit de eerste regel, dan blijkt dat verder ook maar één keer voor te komen. Dat wil zeggen, een woord dat je hetzelfde schrijft, maar anders uitspreekt: sevath, “grijs haar“.  Het staat in de rede die Juda houdt tegen Jozef om te voorkomen dat zijn broer Benjamin als slaaf in Egypte blijft.

Genesis 44:31: Dan zal het gebeuren dat hij (Jakob) zal sterven als hij ziet dat de jongen (Benjamin) er niet bij is. Dan zullen uw dienaren het grijze haar van uw dienaar, onze vader, met verdriet in het graf doen neerdalen.

De derde verwijzing naar het verhaal van Jozef. Dat kan geen toeval zijn! Het woord is dus bewust verkeerd gespeld voor dit doel.  

De woorden voor “grijs haar” en “schoven” markeren in omgekeerde volgorde het verhaal van Jozef. Met de droom over de schoven kwam er vervreemding tussen Jozef en zijn broers en na het “grijze haar” kon Jozef zich niet meer inhouden en kwam er verzoening.  

Jozef in de Babylonische Ballingschap

Het verhaal van Jozef moet voor de ballingen in Babel een belangrijk voorbeeld zijn geweest. Een aansporing om niet te zwichten voor de verleidingen van de nieuwe omgeving, maar ook om vertrouwend op God het beste voor die nieuwe omgeving te zoeken. Ook een bron van hoop dat God het allemaal ten goede zou gebruiken. Hoe dat uitgewerkt heeft, kunnen we lezen in het boek Daniël. Daniël en zijn vrienden werden nieuwe “Jozefs”.

Vincent van Gogh - Korenveld met maaier. Schilderij boven - Zaaier. Ook van Vincent van Gogh

Het boek “A new Psalm” van Benjamin J. Segal is voor dit artikel heel belangrijk geweest.

Psalm 119 – De goddelijkheid van Jezus

Heeft Jezus ook Psalm 119 gebruikt? Jazeker! Toen Hij zei: “De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen zeker niet voorbijgaan” (Mattheüs 24:35, Markus 13:31, Lukas 21:33), heeft Hij geduid op vers 89:

Voor eeuwig, HEERE, staat Uw woord vast in de hemel

en de parallelle tekst:

Het gras verdort, de bloem valt af, maar het Woord van onze God bestaat voor eeuwig (Jesaja 40:8).

Door deze uitspraak zegt Jezus dus niets minder dan dat hij de HEERE zelf is! Degene die Jesaja heeft geïnspireerd en Degene tot wie Psalm 119 is gericht.

Op de sites van Got Questions, Bijbelwoord en Logos Instituut staan nog veel meer argumenten die zijn in te brengen, als moslims, Jehova’s getuigen of anderen beweren dat Jezus nooit gezegd zou hebben dat hij God is.

Christus Pantocrator (Heerser over alles) in de Kathedraal van Cefalù, Sicilie

Dit is één van een serie artikelen over Psalm 119. Voor het  overzicht, kijk hier: Psalm 119 – Saaie psalm?

Adventspsalm 119

Welke taal heeft de engel gesproken die tot Jozef zei: “U zult Hem de naam Jezus geven, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden” (Mattheüs 1:21)? Dat kan alleen Hebreeuws zijn geweest! Dat is de enige taal waarin “zalig maken” dezelfde woordstam heeft als Jezus (Yeshua). Die naam betekent: zaligheid, verlossing, redding, heil.

Een woord met dezelfde stam en betekenis en gelijkend in klank komt ook voor in Psalm 119. “Yeshua”, in de HSV vertaald met “heil”. Hier zijn alle plaatsen:

Laat Uw blijken van goedertierenheid over mij komen, HEERE,
Uw heil overeenkomstig Uw belofte.  (41)

Mijn ziel is bezweken van verlangen naar Uw heil,
op Uw woord heb ik gehoopt. (81)

Mijn ogen zijn bezweken van verlangen naar Uw heil
en naar de belofte van Uw rechtvaardigheid. (123)

Het heil is ver van de goddelozen,
want zij zoeken Uw verordeningen niet. (155)

Psalm 119 vers 166 – Synagoge van Enschede

Ik hoop op Uw heil, HEERE,
en doe Uw geboden. (166)

HEERE, ik verlang naar Uw heil;
Uw wet is mijn bron van blijdschap. (174)

Het valt op dat de meeste van deze teksten spreken van een hevig verlangen naar Gods heil. Waarschijnlijk zonder het zelf te beseffen, heeft de dichter vrijwel letterlijk zijn verlangen geuit naar de belichaming van Gods heil, Yeshua, Jezus! Elke keer als er staat “Uw heil”, mogen we ook lezen: “Uw Jezus”.

Verrassend genoeg is de “saaie” Psalm 119 hierdoor een prachtige adventspsalm!

Sankt Jakob - Rothenburg ob der Tauber

Dit artikel is het laatste in een serie over Psalm 119. Een overzicht van alle artikelen staat in het eerste Psalm 119 – Saaie psalm?

Het verloren schaap

De gelijkenis van het verloren schaap

Mattheüs 18:12-15Wat denkt u: als iemand honderd schapen heeft, en één daarvan afgedwaald is, zal hij niet de negenennegentig andere achterlaten en in de bergen het afgedwaalde gaan zoeken? En als het gebeurt dat hij het vindt, voorwaar, Ik zeg u dat hij zich daarover meer verblijdt dan over de negenennegentig die niet afgedwaald waren. Zo is het ook niet de wil van uw Vader, Die in de hemelen is, dat één van deze kleinen verloren gaat.

Verwijzing

Vaak hebben gelijkenissen van Jezus een link naar het Oude Testament. Is dat hier ook zo? Bij het onderwerp “schaap” kunnen we denken aan Psalm 23. Alleen was dat schaap niet verdwaald. Of aan Ezechiël 34, maar daar zijn er véél schapen die dwalen. Nee, één afgedwaald schaap vinden we in de laatste regel van Psalm 119 (vers 176):  

Ik heb gedwaald als een verloren schaap; zoek Uw dienaar, want Uw geboden heb ik niet vergeten.

Deze verwijzing staat  in veel bijbeluitgaven. Ook bij de parallelle tekst in Lukas.

Vervolg

Het is leuk dat Psalm 119 dan een vervolg heeft. Als je hem hebt gelezen, kun je je afvragen hoe het de dichter is vergaan. Hij hield zo vast aan Gods geboden en bleef toch steeds in onzekerheid bidden: ‘Maak mij levend’, ‘Zoek uw dienaar’?

Doordat Jezus heeft aangehaakt aan dit gedeelte, weten we dat het helemaal goed moet zijn gekomen! Dan heeft God hem zeker gevonden en is blij geweest over Zijn teruggevonden schaap.