Zaligsprekingen

In een tijd waarin door geweld de emoties oplopen, is het goed om te kijken naar de wetten van het Koninkrijk van God. Dat zijn de Zaligsprekingen van Jezus.

Zalig zijn de armen van geest,

want van hen is het Koninkrijk der hemelen

Zalig zijn zij die treuren,

want zij zullen vertroost worden.

Zalig zijn de zachtmoedigen,

want zij zullen de aarde beërven.

Zalig zijn zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid,

want zij zullen verzadigd worden.

Zalig zijn de barmhartigen,

want aan hen zal barmhartigheid bewezen worden.

Zalig zijn de reinen van hart,

want zij zullen God zien.

Zalig zijn de vredestichters,

want zij zullen Gods kinderen genoemd worden.

Zalig zijn zij die vervolgd worden om de gerechtigheid,

want van hen is het Koninkrijk der hemelen.

Wat kun je uit de structuur halen?

Voor wie zijn ze bestemd? Wil Jezus met deze woorden alleen zijn volgelingen bemoedigen, als ze het moeilijk hebben? Je kan veel halen uit de vorm van deze zaligsprekingen.

Acht

Het zijn acht zaligsprekingen. Dat staat voor eeuwigdurend. Het aantal weekdagen is het volmaakte zeven. De achtste dag is weer dag één van de nieuwe week. Enzovoort. Jezus heeft dit benadrukt door de eerste en achtste zaligspreking dezelfde belofte te geven: ‘want van hen is het Koninkrijk der hemelen‘. Weer opnieuw naar het begin dus.

Twee delen

Ze zijn ook verdeeld in 2 maal 4. Dit wordt aangegeven door het tweemaal voorkomen van ‘de gerechtigheid‘. Hierdoor lijken ze op de twee stenen tafelen van de tien geboden. Een nieuwe wet.

Voor wie?

Is er ook een negende? Soms wordt dat gedacht. Het vervolg luidt namelijk:

Mattheüs 5:11 Zalig bent u als men u smaadt en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt, omwille van Mij. Verblijd en verheug u, want uw loon is groot in de hemelen, want zo hebben ze de profeten vervolgd die er vóór u geweest zijn.

Dit is in wezen de achtste zaligspreking, maar dan speciaal toegepast op Jezus’ volgelingen. Let op ‘u‘ in plaats van ‘zij‘. Juist hieruit kunnen we opmaken dat de acht zaligsprekingen universeel bedoeld zijn, voor iedereen!

De acht zaligsprekingen op de deur van de Domkerk van Oslo

Wat moet je met de Zaligsprekingen?

De Zaligsprekingen van Jezus zijn een belofte voor de toekomst en een richtlijn om te leven. Daarover hebben anderen goed geschreven.

Bijvoorbeeld

Thomas

Herschepping

Zij lacht

Persoonlijk helpen de Zaligsprekingen me om, over ze mediterend, weer enigszins tot rust te komen als er volop reden is om over op te winden.

“Thou wilt keep him in perfect peace, whose mind is stayed on thee’. Isaiah 26:3 (KJV)

Kees Visser

14-10-2023

De gordel en sandalen van Petrus

De muren van de Kamers van Rafaël in het Apostolisch Paleis in het Vaticaan zijn beschilderd met prachtige fresco’s. Boven een raam lijkt zich een kamertje te bevinden met tralies ervoor. Het is de gevangenis van Petrus. Het verhaal hiervan staat in Handelingen 12:1-8

Omstreeks die tijd nam koning Herodes enkele leden van de gemeente gevangen en mishandelde hen. Jakobus, de broer van Johannes, liet hij met het zwaard ter dood brengen. Toen hij zag dat de Joden hier gunstig op reageerden, liet hij ook Petrus aanhouden – dat was tijdens het feest van het Ongedesemde brood. Na de arrestatie sloot hij hem op in de gevangenis, waar hij hem door vier groepen soldaten van steeds vier man liet bewaken, met de bedoeling hem na het pesachfeest ten overstaan van het volk te berechten. Terwijl Petrus onder zware bewaking zat opgesloten, bleef de gemeente vol vuur voor hem bidden tot God.
In de nacht voordat Herodes hem zou laten voorkomen, lag Petrus te slapen tussen twee soldaten, aan wie hij met twee kettingen was vastgeketend. Ook voor de deur van de kerker stonden bewakers. Toen verscheen er plotseling een engel van de Heer en een stralend licht vulde de hele ruimte. De engel stootte Petrus aan om hem wakker te maken en zei: ‘Vlug, sta op.’ Meteen vielen de ketenen van zijn handen. De engel zei tegen hem: ‘Doe je gordel om en trek je sandalen aan.’ Dat deed hij. (NBV21)

Gordel en sandalen. Het lijken onbelangrijke details. Niet voor Petrus! Als God spreekt, heeft Hij aan één of twee woorden genoeg!

Toen Petrus gevangen was genomen, zal hij zal zeker gedacht hebben aan wat Jezus als laatste tegen hem persoonlijk gezegd had:

Johannes 21:18,19 Werkelijk, Ik verzeker je, toen je jong was deed je zelf je gordel om en ging je waarheen je wilde, maar wanneer je oud wordt zal een ander je handen grijpen, je je gordel omdoen en je brengen waar je niet naartoe wilt.’ Met deze woorden duidde Hij aan hoe Petrus zou sterven tot eer van God. Daarna zei Hij: ‘Volg Mij.’ (NBV21)

‘Nu was het dus zover. Na Jacobus, zou hijzelf sterven. Tot eer van God’. Met die gedachte zal hij in slaap zijn gevallen. Het ‘Doe je gordel om‘, zegt juist dat zijn tijd nog niet is gekomen!

En dan de sandalen. De enige andere plaats in de Bijbel over sandalen is Marcus 6:9. Toen Jezus zijn discipelen uitstuurde, zei Hij dat ze naast hun kleren alleen een staf moesten meenemen en sandalen onderbinden. Dit ene woord zegt Petrus dat hij weer verder moet gaan met zijn werk als apostel!

We lezen dat Petrus het op dat moment nog niet doorhad:

Daarop zei de engel: ‘Sla je mantel om en volg mij.’ Petrus volgde de engel naar buiten, maar zonder te beseffen dat de dingen die de engel liet gebeuren werkelijk plaatsvonden; hij meende een visioen te zien.

Als God iets zegt, is het zaak om er achteraf goed over na te denken wat het betekent!

Het fresco van Raphael

Raphael - De bevrijding van Petrus. Vaticaans Museum

Rechts op het fresco zien we dat de engel Petrus uit de gevangenis leidt. Hij komt via een trapje naar ons toe, langs de slapende bewakers.

Links is iets te zien wat niet in de Bijbel voorkomt. Een in slaap gevallen bewaker wordt gesommeerd om naar de cel van Petrus te gaan, waar blijkbaar iets aan de hand is. Dat zal niet veel uithalen. Een andere bewaker rent er juist vandaan. Als de dood voor de engel en het hemelse licht.

Een Psalm voor David?

Van wie is Psalm 55? Zeg niet te snel: ‘Van David natuurlijk, dat staat boven de Psalm’. 

Het Hebreeuwse voorzetsel dat met “van” is vertaald heeft meerdere betekenissen. Bijvoorbeeld ook “voor“. Voor de koorleider is een veel voorkomend opschrift. In de grondtekst staat daar hetzelfde voorzetsel.

Eerst de psalm maar eens lezen.

 

Psalm 55

Een onderwijzing van David, voor de koorleider, bij snarenspel.

O God, neem mijn gebed ter ore,
verberg U niet voor mijn smeken,
Ik zwerf rond in mijn klagen en kreun,
vanwege het schreeuwen van de vijand,
vanwege de goddeloze die angst aanjaagt.

Want zij storten onrecht over mij uit,
in toorn haten zij mij.
Mijn hart beeft in mijn binnenste,
dodelijke schrik heeft mij overvallen.
Vrees en beven komen over mij,
huiver bedekt mij.

Daarom zeg ik: Och, gaf iemand mij vleugels als van een duif!
Ik zou wegvliegen naar waar ik blijven kon.
Zie, ik zou ver wegzwerven,
ik zou overnachten in de woestijn. Sela
Ik zou mij haasten zodat ik zou ontkomen
aan de rukwind, aan de storm.

Verslind hen, Heere, verwar hun taal,
want ik zie geweld en onenigheid in de stad.
Die omringen haar op haar muren, dag en nacht;
onrecht en onheil zijn binnen in haar.
Enkel verderf is binnen in haar;
list en bedrog wijken niet van haar plein.

Immers, het is geen vijand die mij hoont,
anders zou ik het verdragen hebben;
het is niet mijn hater die zich tegen mij verheft,
anders zou ik mij voor hem verborgen hebben.

Maar u bent het, o sterveling, als mijn gelijke,
mijn leidsman en mijn bekende.
Wij die zeer aangenaam en vertrouwelijk met elkaar omgingen,
wij wandelden in gezelschap van velen naar Gods huis!
Laat de dood hen als een schuldeiser overvallen,
laat hen levend in het graf neerdalen;
want kwaad heerst in hun woning, in hun binnenste.

Ik echter, ik zal tot God roepen
en de HEERE zal mij verlossen.
’s Avonds, en ’s morgens, en ’s middags
zal ik klagen en kermen,
en Hij zal mijn stem horen.

Hij heeft mijn ziel in vrede verlost
van de strijd tegen mij,
want met velen waren zij tegen mij.

God zal horen en hen vernederen
– Hij, Die van oudsher troont – Sela
omdat bij hen geen enkele verandering is
en zij God niet vrezen.

Hij slaat zijn handen aan wie vrede met hem had,
hij ontheiligt zijn verbond.
Zijn mond is gladder dan boter,
maar zijn hart wil strijd;
zijn woorden zijn zachter dan olie,
maar het zijn getrokken zwaarden.

Werp uw zorg op de HEERE,
en Híj zal u onderhouden;
Hij zal voor eeuwig niet toelaten
dat de rechtvaardige wankelt.

Maar U, o God, U zult de mannen van bloed en bedrog
doen neerdalen in de put van het verderf;
zij zullen nog niet de helft van hun dagen bereiken.
Ik echter vertrouw op U.

(HSV)

Wetenschappelijk artikel

De Duitse theologe Ulrike Bail heeft een artikel geschreven: Psalm 55 and violence against women, waarin ze betoogt dat deze psalm heel goed past bij een vrouw die is verkracht.
    • De verwarrende, wisselende, gevoelens en gedachten
      • van hopeloosheid (mijn hart beeft, dodelijke schrik…);
      • van weg willen zijn (vleugels als een duif’…);
      • van wraak (verslind hen, verwar hun taal…).
    • Het feit dat de dader, wat meestal het geval is, iemand is uit de naaste omgeving. (Wij die zeer aangenaam en vertrouwelijk met elkaar omgingen).
    • Overeenkomsten van vers 10-12 (want ik zie geweld en onenigheid in de stad … list en bedrog wijken niet van haar plein.) met het verhaal van de gruweldaad in Gibea in Richteren 19, waar een vrouw zodanig wordt verkracht dat ze er aan overlijdt.
De theologe gaat in dit wetenschappelijk artikel niet zo ver dat ze beweert dat de schrijfster inderdaad een misbruikte vrouw is. Alleen dat het goed mogelijk is. Helemaal waagt ze zich niet aan speculatie over een bepaalde vrouw. Toch moet ze vast wel aan iemand hebben gedacht!

Een voor de hand liggende vrouw

Iemand ligt namelijk erg voor de hand. Er is een vrouw in de Bijbel, die is verkracht, die ook nog eens uit de kring van David kwam: zijn dochter Tamar. In 2 Samuel 13 staat beschreven hoe haar halfbroer, kroonprins Amnon, zich aan haar vergreep. Haar volle broer Absalom zorgde er toen voor dat ze geen rechtszaak kon beginnen. Dit gaf hem de mogelijkheid om Amnon uit eerwraak te doden, zodat hijzelf de kroonprins kon worden. Een vrouw als speelbal van “mannen van bloed en bedrog”. De zin “zij zullen nog niet de helft van hun dagen bereiken” past helemaal. In het vervolg van het verhaal in 2 Samuel kunnen we lezen dat de mannen die Tamar hebben verkracht en beknot beiden jong aan hun eind zijn gekomen.
Och, gaf iemand mij vleugels als van een duif! Palmtortel in Israel

Hint van de samenstellers?

Het lijkt erop dat de Levieten of priesters die het boek Psalmen definitief hebben samengesteld sommige psalmen een symbolisch nummer hebben gegeven. Bijvoorbeeld de grootste, meest gestructureerde, psalm is 119. Dat is 7x17. Het getal van de volmaaktheid vermenigvuldigd met een getal dat de Naam van God aanduidt. (toelichting)

De numerieke waarde van de naam Tamar in het Hebreeuws is 55! De cijferwaarde van de letters T M R is 22 + 13 + 20 = 55. Dit aantal is ook terug te vinden in het verhaal van Tamar in 2 Samuel 13. Zowel de passage waarin Tamar de verkrachting probeert te voorkomen (2 Samuel 13:11-14), als de passage van de nasleep (2 Samuel 13:20-22) bestaan uit 55 woorden. Zie General Introduction to Logotechnical Analysis van Casper Labuschange.

Zo kunnen de samenstellers hebben gehint dat ook zij ervan overtuigd waren dat Psalm 55 over Tamar gaat.

Een psalm van een vrouw?

Het idee dat een psalm door een vrouw is geschreven, kan even wennen zijn. Toch is het niet vreemd. We hebben ook het Lied van Debora.

Hör’ mein Bitten

Het bekendste koorwerk van Felix Mendelssohn is Hör’ mein Bitteneen bewerking van Psalm 55:2-8, voor koor en sopraan solo! Hoe zou de componist  daarop gekomen zijn? Vermoedde hij ook een vrouwelijke dichter?

Bij de eerste uitvoering, op 8 januari 1845 in Londen, werd de orgelbegeleiding verzorgd door Ann Mounsey, één van de eerste vrouwelijke organisten in Engeland. Dat zal wel toeval geweest zijn, maar ook helemaal passend!

Jonge vrouw met schrijfstift en was tablet. Fresco uit Pompeï.

Voor wie geschreven?

Op zich kan het al therapeutisch zijn om een traumatische ervaring van je af te schrijven. Maar dit is een gebed, gericht tot God! Hij kan handelen en heeft dat ook gedaan.

Toch kan hier niet alles mee zijn gezegd. Het feit dat deze psalm in het boek Psalmen staat, bewijst dat hij verder is gekomen dan het kamertje van Tamar. Voor wie was hij vooral van belang? Voor David! Hij moest ook weten hoe zijn dochter zich voelde en hoe zij zich tot God richtte in haar leed.

Zo kan het zijn dat hij toch van David in het Psalmboek is gekomen. Maar, als bovenstaand idee wat betreft de schrijfster klopt, moeten we in dit geval inderdaad vertalen: Voor David!

Drie Jakobs

In de Bijbel zijn soms wonderlijke verbanden te vinden. Zijn ze toeval, bewuste literaire verwijzingen door de schrijver(s), of bewijs dat de Bijbel is geïnspireerd door de Heilige Geest?

Dat mag je zelf uitmaken.

Dit is er één van.

Aartsvader Jakob

De vete tussen aartsvader Jakob en zijn broer Ezau is bekend. De ruzie liep zover op dat Ezau besloot om Jakob te doden (Genesis 27:41).  Daarop vluchtte Jakob en bleef twintig jaar weg. Toen hij weer terugkwam was hij nog steeds bang. Dat leek helemaal terecht, want zijn broer kwam hem tegemoet met een legertje van 400 man (Genesis 32:6). Toch, toen ze elkaar ontmoetten was Ezau vergevend en Jakob goedgezind (Genesis 33:4-10). Hoe die omslag was gekomen staat niet in de Bijbel.

Jan van den Hoecke (1611–1651) - Jacob en Ezau verzoend. Groeningemuseum Brugge

Jakob de zoon van Zebedeüs

In het Nieuwe Testament komen we al snel een andere Jakob tegen, één van Jezus’ eerste discipelen. Deze naam is hier vergriekst tot ‘Jakobus’. Samen met zijn broer Jochanan (Johannes) (Mattheus 4:21) en Simeon (Petrus) hoorde hij tot de meest intieme leerlingen van Jezus.

In Handelingen 12 lezen we dat Jakobus door koning Herodes gedood werd met het zwaard. Deze Herodes Agrippa I was een nakomeling van Ezau! Liep de vete dan door tot in het Nieuwe Testament en had Ezau dan toch uiteindelijk Jakob gedood?!

Jakobus de broer van Johannes. Rembrandt

Jakob de Rechtvaardige

Wie Handelingen 12 verder leest, moet op het eind wel met zijn ogen knipperen. Nadat Petrus door een wonder uit de gevangenis weet te ontsnappen, zegt hij: ‘Vertel dit aan Jakobus en de broeders’ (Handelingen 12:17). Die was toch net gedood?!

Zonder dat het vermeld wordt, gaat het hier over een andere Jakob. Alsof er direct een opvolger klaarstaat om de Jakob van het Nieuwe Testament te zijn. Het is Jakobus, de broer van de Heere Jezus (Galaten 1:19), ook Jakobus de Rechtvaardige genoemd. Inderdaad, deze Jakob was één van de steunpilaren (Galaten 2:9) van de gemeente. Bij de apostelvergadering in Handelingen 15 had zijn mening het meeste gezag. Een aartsvader van de gemeente van Christus!

Jacobus de Rechtvaardige - Peter Paul Rubens

Klimaatverandering – De echte oorzaak

Tussen de 14e en 19e eeuw bepaalde de “Kleine IJstijd het klimaat in Europa. Deze koude periode, met gemiddelde temperaturen die tot 2 graden lager waren, leidde tot mislukte oogsten, epidemieën en emigratiegolven. In Nederland ook tot veel ijspret.

In die tijd rukten alle Alpengletsjers op. Rond 1818 werd het Zwitserse dorpje Saas-Fee door een gletsjer ernstig bedreigd. Het dorp lag bijna aan de rand en leek verpletterd te gaan worden. De bezorgde bevolking zocht de hulp van Boven. Vóór de gletsjer richtten ze een kruis op. Ze gingen eenparig bidden en voerden kerkprocessies uit. En inderdaad, de gletsjer begon zich langzaam terug te trekken! De Kleine IJstijd was over.

Saas-Fee Gletsjer rond 1800

Alleen hebben ze nooit gebeden dat het terugtrekken zou stoppen!

Het zal ook wel nooit meer gebeuren dat het dorp eensgezind gaat bidden. Het bestaat tegenwoordig voornamelijk uit hotels en vakantieappartementen, met gasten die alle mogelijke geloven en ongeloven aanhangen.

Saas-Fee Gletsjer 2000

Heel misschien is er ergens op aarde nog een dorpje dat met dezelfde ernst eenparig gaat bidden, als het in het bestaan bedreigd wordt door de huidige klimaatopwarming. 

Daar wachten we dan op.

Mijn Vader kan alles!

In zowel Mattheüs, Marcus als Lucas vinden we direct na elkaar de stukjes “Jezus zegent de kinderen” en “De rijke jongeman”. Dat is geen toeval. Ze horen bij elkaar.

Het contrast tussen “ontvangen als een kind” en “er iets voor willen doen” springt eruit.

Jezus zegent de kinderen / De rijke jongeman

Lucas 18:15. En zij brachten ook de jonge kinderen bij Hem, opdat Hij die zou aanraken. En toen de discipelen dat zagen, bestraften ze hen. 16. Jezus echter riep die kinderen tot Zich en zei: Laat de kinderen tot Mij komen en verhinder hen niet, want voor wie is zoals zij is het Koninkrijk van God. 17. Voorwaar zeg Ik u: Wie het Koninkrijk van God niet ontvangt als een kind, zal daarin beslist niet binnengaan.

18. En een leidinggevende vroeg Hem en zei: Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven? 19. En Jezus zei tegen hem: Waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed behalve Eén, namelijk God. 20. U kent de geboden: U zult geen overspel plegen, u zult niet doden, u zult niet stelen, u zult geen vals getuigenis afleggen, eer uw vader en uw moeder. 21. En hij zei: Al deze dingen heb ik in acht genomen vanaf mijn jeugd. 22. Maar toen Jezus dit hoorde, zei Hij tegen hem: Nog één ding ontbreekt u: Verkoop al wat u hebt en deel het uit onder de armen en u zult een schat hebben in de hemel. En kom dan en volg Mij. 23. Maar toen hij dit hoorde, werd hij diep bedroefd, want hij was erg rijk. 24. Toen nu Jezus zag dat hij diep bedroefd was geworden, zei Hij: Hoe moeilijk kunnen zij die rijkdommen hebben, het Koninkrijk van God binnengaan. 25. Want het is gemakkelijker dat een kameel gaat door het oog van een naald, dan dat een rijke het Koninkrijk van God binnengaat. 26. En zij die dit hoorden, zeiden: Wie kan dan zalig worden? 27. Hij echter zei: De dingen die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God. (HSV)

Eén is Go(e)d

Wat bedoelt Jezus met “Waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed behalve Eén, namelijk God?” (vers 19) 

De eerste reactie van mij, en van sommige anderen, op deze tekst was: ‘Hè, zegt Jezus hier nou dat hij niet Goddelijk is?’. Dat is echter onlogisch. Lucas en de andere evangelisten geloofden dat Hij dat wel was. Dus hadden dat niet zo opgeschreven. Het had ook geïmpliceerd dat Jezus van zichzelf zegt dat Hij niet echt goed is.

Veel verklaarders zien het precies andersom. Dat Jezus hiermee juist wel wilde aangeven dat hij zelf Goddelijk is. “Als ik echt goed ben, dan moet ik Goddelijk zijn.” Het lijkt mij onwaarschijnlijk dat Jezus zo de aandacht op zichzelf vestigde. Dan had evangelist vast ook het Griekse ἐμὲ (eme, mij met nadruk) gebruikt, in plaats van het gewone με (me). 

Nee, Hij vestigde zo direct de aandacht op God! Dit met het doel dat de persoon die met de vraag kwam het ook bij God, de enige goede, zou zoeken.

De oudste handschriften van Mattheus hebben een wat andere versie: “Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwige leven te verwerven. Hij antwoordde: ‘Waarom vraagt u me naar het goede? Er is maar één die goed is.'” (Mattheus 19:16, NBV21). Voor de evangelieschrijvers was het minder belangrijk wat de man precies gezegd heeft, dan dat Jezus daar een aanleiding in vond om op God te wijzen.

Het Koninkrijk van God

In dit Bijbelgedeelte vinden we drie uitdrukkingen die hetzelfde bedoelen. 

    • het eeuwige leven beërven
    • zalig/gered worden
    • het Koninkrijk van God binnengaan

De rijke man gebruikt de eerste, de discipelen de tweede. Beide zijn op de persoon zelf gericht. Jezus zegt daarentegen consequent “het Koninkrijk van God binnengaan”. Hij denkt aan zijn Hemelse Vader. Net als bij “Alleen God is goed“.

Geloven als een kind

De zin “De dingen die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God” valt te parafraseren als “Mijn Vader kan alles!”. Zo kunnen we ”Niemand is goed behalve Eén, namelijk God” parafraseren als “Mijn Vader is de beste!

Jezus geloofde zelf als een kind!

Zijn bloed over het hele volk?

Mattheüs 27:24 Toen Pilatus zag dat hij niets bereikte, maar dat er veeleer opschudding ontstond, nam hij water, waste zijn handen voor de ogen van de menigte en zei: Ik ben onschuldig aan het bloed van deze Rechtvaardige. U moet maar zien.
25. En heel het volk antwoordde en zei: Laat Zijn bloed maar komen over ons en over onze kinderen! (HSV)

Gevaarlijke tekst

De laatste tekst is één van de meest beladen en gevaarlijke gebleken uit de geschiedenis van het christendom. Hij is gebruikt om aan te tonen dat het Joodse volk alle ellende aan zichzelf te danken had. Een stimulans zelfs om Joden te discrimineren en te vervolgen. Ze hadden het immers zelf aan God gevraagd!

Als gevolg zijn Joodse mensen ervan overtuigd geraakt dat het Nieuwe Testament een antisemitisch boek is. 

Wat heeft Mattheus bedoeld met deze tekst?

Heel het volk?

Hoe kan Mattheus zo dom zijn geweest om “heel het volk” op te schrijven? Hij moet toch ook geweten hebben dat er voor het podium van Pilatus geen ruimte was voor een heel volk! Misschien was het een exercitieterrein, waar wel duizend mensen konden staan, misschien was het veel kleiner. Een pleintje voor enkele tientallen. Bovendien, wat waren het voor mensen die hier verzameld stonden? Vast voornamelijk handlangers en medestanders van de hogepriester, die zo graag Jezus uit de weg wilde ruimen. 

Het antwoord is dat de woorden “πᾶς ὁ λαὸς (pas ho laos)” inderdaad “heel het volk” kunnen betekenen, maar vaker “alle aanwezigen”! Bijvoorbeeld in Handelingen 3:9. Toen Petrus bij de tempel een verlamde man had genezen, staat er in de HSV: “En al het volk zag hem lopen en God loven”. De NGV21 heeft hier: “Alle tempelbezoekers“. Het zou absurd zijn om te denken dat inderdaad het hele volk uit alle windstreken plotseling was komen opdagen. 

Niet dom van Mattheus dus. Wel onnadenkend van vertalers!

Uitgekomen?

Is het ook uitgekomen, dat de straf voor het vergieten van het onschuldig bloed van Jezus op die mensen is neergekomen? Het is een feit dat veertig jaar later de Romeinen de opstand, die de Joden waren begonnen, bloedig hebben neergeslagen en de tempel verwoest. Veel van de fanatieke mensen, die geroepen hadden dat Jezus gekruisigd moest worden, zijn toen omgekomen. Als ze toen nog leefden. Anders hun kinderen.

Eeuwig?

Hoe lang kan een afgeroepen kwaad doorwerken? Dat wordt in veel kerken elke zondag gelezen:

Exodus 20:5 U zult zich daarvoor niet neerbuigen, en die niet dienen, want Ik, de HEERE, uw God, ben een na-ijverig God, Die de misdaad van de vaderen vergeldt aan de kinderen, aan het derde en vierde geslacht van hen die Mij haten,

Dus hoogstens tot het vierde geslacht. En dan alleen als die achterkleinkinderen ook God haten. Als ze zich bekeren stopt het!

Dit haalt een streep door het idee dat de vloek van “Zijn bloed over ons en onze kinderen” eeuwen kon gelden.

Eeuwig!

Er is nog iets wonderlijks aan de woorden “Zijn bloed over ons en onze kinderen”. Wie op deze termen in de Bijbel gaat zoeken, komt direct op Exodus 12:23, 24:

Want de HEERE zal het land doortrekken om Egypte te treffen, maar als Hij het bloed zal zien op de bovendorpel en op de beide deurposten, dan zal de HEERE de deur voorbijgaan en de verderver niet toestaan om uw huizen binnen te komen om u te treffen. Houd dit als verordening voor u en uw kinderen, tot in eeuwigheid.

Hebben die woorden misschien onbewust geresoneerd in de gedachten van de roepers? Het was immers Pesach.

Zonder dat ze het beseften, hebben de vervolgers van Jezus op deze manier getuigd dat Hij het Paaslam is dat voor ons en voor hun is geslacht. Zijn bloed zit op de bovendorpel boven/over ons en zorgt dat de verderver voorbijgaat. En dat tot in eeuwigheid, volgens de tekst!

Mogelijk de stenen van het plein voor Pilatus

Jozef in de Babylonische Ballingschap

Psalm 126

Een pelgrimslied

Toen de HEERE de gevangenen van Sion terug deed keren,
waren wij als dromers.

Toen werd onze mond vervuld met lachen
en onze tong met gejuich.
Toen zei men onder de volken:
De HEERE heeft grote dingen bij hen gedaan!
De HEERE heeft grote dingen bij ons gedaan,
daarom zijn wij verblijd.

HEERE, breng een omkeer in onze gevangenschap,
zoals waterstromen in het zuiden.

Wie met tranen zaaien,
zullen met gejuich maaien.
Wie het te zaaien zaad draagt,
gaat al wenend zijn weg;
maar hij zal zeker terugkomen met gejuich,
en zijn schoven dragen!

Vertaling: HSV het een paar kleine “verbeteringen”

Babylonische ballingschap

Deze psalm is te plaatsen na de terugkeer uit de Babylonische ballingschap. In de boeken Haggaï, Ezra en Nehemia kunnen we lezen over de blijdschap van de bevrijding, maar ook over de problemen die er nog waren. Zoals misoogsten (Haggaï 2:16-20) en tegenstand (Ezra 4, Nehemia 4 en 6).

Spelfout?

In de Hebreeuwse grondtekst loop je direct tegen iets vreemds aan. Namelijk het woord voor “gevangenen”, anderen vertalen “lot”. Dat woord lijkt verkeerd gespeld שיבת, shivath, in plaats van שבית, shevith. Daar komen we zo op terug. 

Dromers

De zin “wij waren als dromers” vatten wij meestal op als dat ze het amper konden geloven. Echter in de Bijbel zijn dromen altijd voorspellingen die uitkomen. Dus betekent deze zin eerder dat ze zichzelf zagen als de vervulling van een profetie. Hét grote voorbeeld van zo’n dromer is Jozef. Hij wordt zelfs de “meesterdromer” genoemd (Genesis 37:19).

Schoven

Over de inhoud van deze psalm valt veel te zeggen, maar we gaan direct door naar de laatste regel: “Hij zal zeker terugkomen met gejuich, en zijn schoven dragen!” Dit woord voor “schoven”, עלומה, alumah, komt verder maar op één plaats in de Bijbel voor. Dat is ook in het verhaal van Jozef (Genesis 37:7)!  Als hij droomt dat de schoven van zijn broers buigen voor die van hem.

Spelfout!

Gaan we zoeken op het vreemde woord שיבת ,shivath, uit de eerste regel, dan blijkt dat verder ook maar één keer voor te komen. Dat wil zeggen, een woord dat je hetzelfde schrijft, maar anders uitspreekt: sevath, “grijs haar“.  Het staat in de rede die Juda houdt tegen Jozef om te voorkomen dat zijn broer Benjamin als slaaf in Egypte blijft.

Genesis 44:31: Dan zal het gebeuren dat hij (Jakob) zal sterven als hij ziet dat de jongen (Benjamin) er niet bij is. Dan zullen uw dienaren het grijze haar van uw dienaar, onze vader, met verdriet in het graf doen neerdalen.

De derde verwijzing naar het verhaal van Jozef. Dat kan geen toeval zijn! Het woord is dus bewust verkeerd gespeld voor dit doel.  

De woorden voor “grijs haar” en “schoven” markeren in omgekeerde volgorde het verhaal van Jozef. Met de droom over de schoven kwam er vervreemding tussen Jozef en zijn broers en na het “grijze haar” kon Jozef zich niet meer inhouden en kwam er verzoening.  

Jozef in de Babylonische Ballingschap

Het verhaal van Jozef moet voor de ballingen in Babel een belangrijk voorbeeld zijn geweest. Een aansporing om niet te zwichten voor de verleidingen van de nieuwe omgeving, maar ook om vertrouwend op God het beste voor die nieuwe omgeving te zoeken. Ook een bron van hoop dat God het allemaal ten goede zou gebruiken. Hoe dat uitgewerkt heeft, kunnen we lezen in het boek Daniël. Daniël en zijn vrienden werden nieuwe “Jozefs”.

Vincent van Gogh - Korenveld met maaier

Het boek “A new Psalm” van Benjamin J. Segal is voor dit artikel heel belangrijk geweest.