Job verklaart zichzelf

Dubbelzinnige sleuteltekst

Nadat God heeft gesproken, lezen we de reactie van Job in vers 42:6. HSV:

 Daarom veracht ik mijzelf en ik heb berouw, in stof en as.

Op deze manier is deze tekst eeuwenlang vertaald. Toch is dat problematisch. Hoe valt het volgende vers daarmee te rijmen? De HEERE zegt:

Mijn toorn is ontbrand tegen u en tegen uw twee vrienden, want u hebt niet juist over Mij gesproken, zoals Mijn dienaar Job.

Hoe kan het zijn dat Job juist over God heeft gesproken? Hij heeft toch net zelf gezegd dat hij daar berouw van heeft!

Wetenschappers

Het commentaar van de Jewish Study Bible (2004, Oxford University Press Inc.) is:

As Job’s final comment, this verse would seem to be key to understanding the book as a whole. The Hebrew of the text, unlike the rest of Job, is not difficult, but is very ambiguous.

‘Als laatste opmerking van Job lijkt dit vers de sleutel te zijn tot begrip van het boek als geheel. Het Hebreeuws van de tekst is, in tegenstelling tot de rest van Job, niet moeilijk, maar wel zeer dubbelzinnig.’

De laatste tientallen jaren hebben verschillende bijbelwetenschappers zich over deze tekst gebogen. Bijvoorbeeld

    • Dr. Matthijs de Jong, hoofd Bijbelvertalen bij het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap – Job 42:6 – Job eindigt zijn rouw, maar zonder berouw (Artikel helaas tegenwoordig achter een betaalmuur).
    • Hans Debel, docent KU Leuven. (Artikel helaas verwijderd van site NGB. Je kunt het lezen als je een exemplaar van het tijdschrift Ezra koopt. Een samenvatting is nog wel te zien).

Deze onderzoeken hebben geleid tot een andere vertaling in de NBV21:

Daarom zal ik verder zwijgen, nu vind ik troost voor mijn kommervol bestaan.

Gratis

De wetenschappers willen dus geld hebben voor hun resultaten. Ik zal hier een poging doen om de tekst gratis te te laten verklaren. En wel door Job zelf!

Hoezo dubbelzinnig?

De Jewish Study Bible noemt de tekst dus dubbelzinnig. Hier een overzichtje van de verschillende betekenissen die de woorden in Job 42:6 kunnen hebben.

In de grondtekst staat er

עַל־כֵּ֭ן אֶמְאַ֣ס וְנִחַ֑מְתִּי עַל־עָפָ֥ר וָאֵֽפֶר׃  (voor wie Hebreeuws Grieks is: doe maar net of deze vreemde tekens er niet staan).

עַל־כֵּ֭ן   al-keen – Daarom (dit is niet dubbelzinnig)

    1. אֶמְאַ֣ס  em-as                            – Ik verwerp/versmaad/veracht/negeer
    2. וְנִחַ֑מְתִּי nachamti                    – en ik heb spijt/ ben getroost
    3. עַל־עָפָ֥ר וָאֵֽפֶר   al afar waefer – over/om/boven/op stof en as

Inderdaad verwarrend. Nader toegelicht:

    1. Het idee achter dit woord is dat je ergens geen aandacht aan besteedt.
      • Met emotie heet dat ‘verachten’ of ‘verafschuwen’.
      • Zonder emotie heet dat ‘verwerpen’, ‘negeren’, ‘laten vallen’.
    2. Het idee achter dit woord is dat je van gedachten verandert.
      • Als dat gedachten van verdriet waren, dan heet dat ‘getroost’
      • Als het een plan was, dan heet dat ‘spijt’
      • Was het een verkeerd plan, dan heet dat ‘berouw’.
    3. Het probleem bij de woorden ‘stof en as’ is, waar ze op slaan.
      • De ‘as’ waarin Job is gaan zitten (Job 2:8)?
      • Een teken van verdriet? ‘Zij scheurde hun kleren en ze strooiden stof over hun hoofden’. (Job 2:12 e.a.)?
      • Jobs armzalig bestaan in vergelijking met God (Gen 18:27 – Abraham: ‘hoewel ik stof en as ben’)?
      • Nog wat anders? 

Luister naar Job zelf

Wat is nu de juiste vertaling? Welke van de betekenissen moeten we kiezen?

Volgens mij is het antwoord: ‘Luister naar Job zelf!’ Kijk hoe Job deze woorden eerder heeft gebruikt en in welk verband. Zo hebben ook de oorspronkelijke lezers het moeten doen. Die hadden geen woordenboeken, concordanties of computerprogramma’s die de Bijbel doorzoeken. Wat ze wel hadden, was een goed geheugen. Daarmee werd de betekenis duidelijk.

Wat heeft Job eerder gezegd?

Daarom gaan we die dubbelzinnige woorden zoeken in wat voorafgaat.

Nummer 1 – אֶמְאַ֣ס          em-as.

Dit woord komt in deze vorm in het boek Job nog twee keer voor. De laatste keer in de laatste rede van Job.

Job 31:13 Als ik het recht van mijn slaaf of van mijn slavin versmaad heb, wanneer zij een geschil met mij hadden (HSV)

Job betoogt dat hij zo rechtvaardig was dat, zelfs als een slaaf of slavin een geschil met hem had, hij dat niet negeerde, maar serieus oppakte. Als Job in 42:6 dit woord gebruikt, bedoelt hij hetzelfde. Het geschil dat hij had met God, versmaad hij nu. Met andere woorden, hij trekt zijn aanklacht in.

Nummer 2 – ְנִחַ֑מְתִּי         nachamti

Dit werkwoord komt in het boek 7(!) keer voor. Gesproken door Job zelf en door de verteller. Alle keren betekent het ‘troost’. Dit is de zesde keer. De laatste vinden we in 42:11:

Al zijn broers en al zijn zusters en allen die hem vroeger gekend hadden, kwamen bij hem en gebruikten de maaltijd met hem in zijn huis. Zij betuigden hem hun medeleven en vertroostten hem over al het onheil dat de HEERE over hem gebracht had.

Zo te zien is het vreemd dat veel vertalingen alleen bij onze tekst voor ‘berouw’ hebben gekozen.

Nummer 3 – עַל־עָפָ֥ר וָאֵֽפֶר           al afar waefer

In deze vorm komen deze woorden maar één keer voor. Ook in de laatste rede van Job.

Job 30:19 Hij heeft mij in het slijk geworpen, en ik ben gelijk geworden aan stof en as. (HSV)

Met ‘stof en as’ bedoelt Job dus de ellendige staat, waarin God hem heeft gebracht.

Vertaling

Alles bij elkaar kom ik, aan de hand van de uitspraken van Job, op een vertaling als

Daarom trek ik mijn aanklacht in en ben ik getroost over de ellende die God mij heeft laten doormaken.

Dat zit dus dicht bij de NBV21 vertaling.

Juist!

Dus inderdaad heeft Job juist van God gesproken. Job beschuldigde God ervan dat Hij hem onrechtvaardig behandelde. En hij had gelijk! God hád hem onrechtvaardig behandeld. Nu heeft God tot hem gesproken. De strekking van Gods woorden is dat Zijn daden Jobs verstand ver te boven gaan. Dat geldt ook voor de reden van die onrechtvaardige behandeling.

Job heeft dus geen berouw van zijn woorden en doet ook geen boete. God heeft hem wel op andere gedachten gebracht, maar hem niet veroordeeld.

Over de vorige zin

Ik héb U horen spreken, en nu heb ik gezien wie U bent (NBV21).

binnenkort meer.

Een nieuw begin

Nu Job dit beseft, stopt hij met God aan te klagen. Ondanks de rampen die hem zijn overkomen, is God niet zijn vijand. Daardoor is hij getroost en is hij klaar voor een nieuw begin.

Persoonlijk

Toen, nu meer dan 35 jaar geleden, een jongere broer van me is overleden, had ik het daar natuurlijk erg moeilijk mee. Ook ik kreeg toen troost door de gedachte dat je, na alle rommel van ziekte, slechte mensen of domme pech, uiteindelijk toch terechtkomt bij een liefdevol God.

Over de drie vervelende vrome vrienden en ook over de mysterieuze Elihu misschien een volgend artikel. 

Kalenderblaadje

Mijn opa, Arie den Boer, was boer in hart en nieren. In de buurt van Strijen, waar zijn voorgeslacht eeuwen had gewoond, pachtte hij een boerderij. Die was eigendom van een grootgrondbezitter. Op 5 mei 1939 kwam een vertegenwoordiger van deze eigenaar langs. Hij deelde mee dat de grondbezitter ermee stopte om boerderijen te verpachten. Ze zouden allemaal bij opbod worden verkocht. Dit was een grote schok voor mijn opa en zijn gezin. Ze gingen een onzekere toekomst tegemoet.

Die avond las hij naar zijn gewoonte het blaadje van de scheurkalender. ‘Moet je nou eens kijken!’, riep hij uit! ‘Gij, o Heere! Alleen zult mij doen zeker wonen’, Psalm 4:9. Dat was de tekst van die dag. De schok sloeg om in hoop.

Toen het plan voor de verkoping bekend werd, bleek familie van de moeder van mijn opa bereid om de boerderij te kopen. Ze wisten wel van tevoren bij de eigenaar te bereiken dat de boerderij voor een bepaald bedrag aan hun ‘gegund’ zou worden. Voor een opgedreven prijs bij een openbare verkoping hadden ze niet genoeg geld.

Zodoende kon mijn opa met zijn gezinnetje op zijn boerderij blijven wonen. Tijdens de oorlogsjaren, die volgden, is er van alles in de buurt kapotgeschoten. Of de bewoners moesten vertrekken, omdat de omgeving door de bezetter onder water werd gezet om een eventuele opmars van de geallieerden te belemmeren. Zo ook de familieleden die de boerderij hadden gekocht. Die konden toen komen logeren. Iedereen sliep wel in de kelder, vanwege het risico dat de geallieerden vanaf de overkant van het Hollands Diep op de Duitse soldaten zouden gaan schieten, die zich rond de boerderij ophielden. Ondanks dat er inslagen in de buurt zijn geweest, kwam er geen schade.

De familie-eigenaren hadden vastgelegd dat, als de laatste zou overlijden, mijn opa de hoeve zou krijgen. Hoe dat precies geregeld was met erven en kopen met eigen spaargeld, weet ik eigenlijk niet. Feit is, dat in 1959, opa met mijn vader, zijn schoonzoon, zelf eigenaren werden van de boerderij die hij eerst had moeten pachten!

Het bewuste kalenderblaadje heeft hij steeds bewaard. Het zit nog in een map met belangrijke papieren van mijn moeder.

De belofte van Psalm 4 heeft gewerkt tot in de huidige tijd. Mijn broer en schoonzus hebben het bedrijf groter en mooier kunnen maken dan het ooit is geweest!  https://www.landzichtbiologisch.nl/

Het bewuste blaadje van de scheurkalender

De Drie-eenheid begrijpen

Nicea

Dit jaar vieren we de 1700ste (!) verjaardag van het Concilie van Nicea. Kerken over de hele wereld organiseren diverse vieringen en bijeenkomsten om deze herdenking te vieren en de eenheid binnen het christendom te versterken.

Het belangrijkste besproken punt was de Goddelijkheid van Christus. Een belangrijke stap naar de leer van de Drie-eenheid: Vader. Zoon en Heilige Geest. Dit is de officiële leer van alle christelijke kerken geworden. 

Wiskunde

Joden, Moslims en ook Jehova’s getuigen vinden dit een onvergeeflijke dwaling. Volgens hen geloven Christenen in drie goden. 1+1+1 = 1, dat is toch niet logisch?!

Wat moeten we daarover denken?

Om te beginnen klopt de formule 1+1+1=1 niet voor dingen en mensen, maar wel voor bijvoorbeeld vlammen en golven. Als je drie vlammen samenbrengt, wordt het één vlam. Drie golven die samenkomen maken één grote golf.

Dit is mijn antwoord:

Ga eerst een boek lezen over kwantum fysica!‘ 

Dat gaat dus over de allerkleinste onderdeeltjes van de schepping.

Bijvoorbeeld 

Probeer dat te begrijpen.

(Ik kan vast meedelen dat het tot nu toe nog geen mens is gelukt om kwantum fysica te begrijpen! Mensen kunnen het gedrag van die kleinste onderdeeltjes beschrijven en ook gebruiken. Maar begrijpen en voorstellen? Nee!)

Als je het allerkleinste van de schepping al niet kunt begrijpen, hoe dan de Schepper zelf?!

Hij zegt Zelf (Jesaja 55:8,9) 

Want Mijn gedachten zijn niet uw gedachten, en uw wegen zijn niet Mijn wegen, spreekt de HEERE. Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten.

Alles wat God ons over Zichzelf heeft geopenbaard in Zijn Woord is waar, zelfs als het tegenstrijdig lijkt.

Bijvoorbeeld

Ik en de Vader zijn Één. (Johannes 10:30)
Mijn Vader is meer dan Ik (Johannes 14:28)
De Geest, Die van de Vader uitgaat (Johannes 15:26)
De Geest van Jezus Christus (Filippenzen 1:19)

Alles wat we verder over God bedenken, hoe logisch het ook lijkt, schiet te kort door ons beperkt verstand. Ook met de term ‘Drie-eenheid’ moeten we oppassen. Die komt niet in de Bijbel voor. Mogelijk een benadering, maar niet de ‘echte werkelijkheid’ over God.

Toegegeven, er zijn mooie liederen over gemaakt…

 

En schilderijen…

Schilderstuk boven de preekstoel van de Maria van Jessekerk in Delft

Samenvattend

Elk idee over God, wat begrijpelijk is, daar weet je zeker van dat het door mensen is bedacht en niet waar is.

Een idee over God dat onbegrijpelijk is en onlogisch lijkt, dat kan waar zijn!

Het wonderlijke leven van Michael Faraday

Dit is een meer uitgebreid verhaal over Michael Faraday. Voor een samenvatting, zie mijn video Door het geloof heeft Michael Faraday ons elektriciteit gegeven

Naast diverse andere ontdekkingen, heeft deze onderzoeker het principe ontdekt waardoor we een dynamo kunnen maken. Hiermee werken alle elektriciteitscentrales. Wij kunnen dus zondermeer vaststellen dat Michael Faraday ons elektriciteit heeft gegeven.

Alleen, als je dat tegen hemzelf had gezegd, had hij vast geantwoord: ‘Helemaal niet!’, ‘God heeft elektriciteit gelegd in zijn mooie schepping, en ik ben Hem dankbaar dat Hij het aan mij gegeven heeft om te ontdekken hoe we die kracht nuttig kunnen gebruiken.

Zijn jeugd

Michael Faraday werd in 1791 geboren in een arm Engels gezin. Zijn vader was hoefsmid. Hij was vaak ziek en is tamelijk jong overleden. Dit gezin was lid van een kleine afgescheiden kerk in Engeland en Schotland, de “Sandemanians”. Daar is Michael zijn hele leven trouw aan gebleven. Met 13 jaar haalde zijn moeder hem van school om te gaan verdienen. Het werd werk bij een kantoorboekhandel en uitgever in de buurt.

Boeken en tijdschriften bezorgen bij klanten. Later leerde hij zelf om boeken te binden. Maar hij ging ze ook lezen, vooral over scheikunde en natuurkunde. Als er proefjes in stonden, probeerde hij ze zelf.

De invloed van de dichter

Isaac Watts (National Portrait Gallery London)

Eén ander boek sprak hem ook heel erg aan. Dat was een boek van Isaac Watts. Hij is de dichter van bekende christelijke liederen, zoals ‘Joy to the World’, ‘When I Survey the Wondrous CrossAls ik het wond’re kruis aanschouw’ en ‘O God, Our Help in Ages Past – O God, die droeg ons voorgeslacht’.

Het boek wat Faraday ter harte nam, was The Improvement of the Mind. Over hoe je je verstandelijke talenten kunt ontwikkelen. Er stonden tips in als:

    • Houd een dagboek bij van wat je hebt geleerd – dat is hij direct gaan doen.
    • Trek geen snelle conclusie, maar bedenk een experiment of gebeurtenis, die je conclusie kan bevestigen of ontkrachten – dat maakt van iemand een wetenschapper.
    • Probeer in contact te komen met mensen die je verder kunnen brengen.

De invloed van de wetenschapper

Sir Humphry Davy

Bij het laatste advies ging Michael voor goud. De topwetenschapper uit die tijd was Sir Humphry Davy. Deze onderzoeker heeft onder meer verschillende chemische elementen vrijgemaakt, die nu gebruikt worden in de industrie en die prijken op de etiketten van voedingssupplementen. Hij heeft ook voor het eerst laten zien dat je met elektriciteit licht kunt maken.

Hij was zijn tijd ook ver vooruit: hij was namelijk verslaafd aan lachgas.

Faraday ging naar lezingen van Davy, die hij hield in zijn buurt, in Londen. Van die lezingen maakte hij aantekeningen met grafieken erbij. Daar maakte hij bij zijn werkgever een mooi boek van en stuurde dat op naar Davy, met de vraag of hij misschien zijn assistent kon worden. Na een tijdje werd hij inderdaad aangenomen.

Reis en (on)geloof

Michael ging wel erg twijfelen aan het geloof dat hem thuis was bijgebracht. Humphry Davy leek het levende bewijs dat iemand goed en groot kon worden, zonder in Christus te geloven.

Toen nam Davy hem mee op een reis van 18 maanden door Europa, langs alle grote geleerden van die tijd. Een geweldige ervaring! Tijdens de reis leerde hij Davy beter kennen. Deze geleerde man bleek privé arrogant, grof, onvriendelijk en soms oneerlijk te zijn. Het contact met zijn vrouw Jane was helemaal vervelend. Deze vrouw van stand begreep niet het verschil tussen een wetenschappelijk assistent en een huisknechtje. Ze liet hem allerlei poets- en boenwerk doen. Terug in Engeland was Michael dankbaar om weer onder de eenvoudige gelovigen van zijn familie en kerk te zijn. Toen deed hij belijdenis voor de gemeente. Echt laat. Hij was al 30 jaar.

Verliefd

Er gebeurde nog iets ingrijpends in zijn leven. Hij werd verliefd! Eerder had hij in een gedichtje geschreven dat liefde voor een vrouw het domste was wat een man kon doen. Het was funest voor je ontwikkeling. Nu kreeg hij vlinders van een meisje uit de kerk, Sarah Bernard. Hij schreef hartstochtelijke liefdesbrieven. Eerst had zij bedenkingen om verder te gaan met “een verstand met een man eraan vast”, “a mind with a man attached”. Bij nadere kennismaking sprong de vonk toch over. Het werd een goed huwelijk.

Kinderen hebben ze niet gekregen, maar ze waren wel een leuke oom en tante voor de kinderen van hun broers en zussen. Ze kregen een appartement in het Koninklijk Onderzoeksinstituut, boven het laboratorium. Als er neefjes of nichtjes langskwamen, nam Michael ze mee naar het lab en demonstreerde hij hoe je snoepje en frisdrank kan maken. Of hij deed proefjes met knal- en lichteffecten.

Ontwikkelingen

In het jaar na de reis presenteerde Davy zijn belangrijkste uitvinding, een veilige gaslamp voor mijnwerkers. Tot dan konden alle lampen die er waren mijngas tot ontploffing brengen. Dit kostte vele mijnwerkers het leven. In het begeleidende document vermeldde hij dat hij “veel dank verschuldigd was aan zijn assistent Mr. Michael Faraday”.

Michael Faraday

Ontdekkingen

Op het gebied van natuur- en scheikunde heeft Michael Faraday verschillende ontdekkingen gedaan, maar die met elektriciteit hebben de wereld het meest veranderd.

Elektromotor

In 1820 ontdekte de Deense onderzoeker Hans Christian Ørsted dat als je elektrische stroom laat lopen in de buurt van een kompas, dat de kompasnaald dan een andere kant uit gaat wijzen. Achteraf was men verbaasd dat niemand dat al tientallen jaren eerder had geprobeerd. Het kwam doordat de wetenschappers er toen 100% van overtuigd waren dat elektriciteit en magnetisme niets met elkaar te maken hadden.

Toen Faraday hiervan hoorde, triggerde dit bij hem een idee. Hij ging met een broertje van zijn vrouw ’s naar het laboratorium en deed deze proef.

De demo van Faraday zag er iets anders uit, want in die tijd had je nog niet zulke handige kleine batterijtjes. Hij gebruikte een magneet, die dreef in een bak met het vloeibare metaal kwik.

Werking

Er loopt een elektrische stroom door het magneetje. Die komt van het draadje vanaf de zijkant en loopt naar het schroefje in het midden. Daardoorheen gaat de stroom weer terug naar de batterij. Het magnetisch veld van het magneetje en het magnetisch veld van de stroom duwen en trekken aan elkaar, zodat het magneetje gaat draaien. Net als een draaimolentje in een speeltuin.

Toen ze dit zagen werken, gingen ze dansen rond de proefopstelling. Daarna naar het circus om het te vieren.

Fout

En toen beging hij een grote fout. Hij stuurde zijn bevindingen op naar een wetenschappelijk tijdschrift, zonder de naam van zijn superieur en mentor Humphry Davy te noemen. Die kon het al niet hebben dat niet hijzelf, maar zijn assistent, zo’n belangrijke ontdekking had gedaan. Dat hij niet genoemd werd in het artikel, deed de deur dicht. Tussen die twee is het nooit meer helemaal goed gekomen. Faraday wilde lid worden van het Koninklijk Genootschap voor Wetenschap, maar Davy stemde steeds tegen. Hij was de voorzitter. Volgens hem kon iemand die zijn superieur niet noemde in zijn publicaties, geen goede wetenschapper zijn. Na jaren moest hij toch toegeven, want Faraday was in binnen- en buitenland beroemd geworden.

Beroemd

Beroemd zijn had ook effecten. Hij werd voor van alles gevraagd. Om les te geven op universiteiten en om allerlei onderzoek te doen. Of als getuige-deskundige in rechtszaken. Veel wimpelde hij af, want zijn hart lag bij het doen van zijn eigen wetenschappelijk onderzoek. Sommige dingen kon hij toch niet weigeren. Hij werd directeur van het Koninklijk Onderzoeksinstituut en, na een ernstig beroep van de regering, ook voorzitter van de commissie om de Engelse glasindustrie vlot te trekken. Dit laatste kostte hem veel tijd en energie. Na drie jaar kreeg hij een burn-out. Na enkele maanden met zijn vrouw op vakantie was hij weer in staat om verder te gaan. Weer een paar jaar verder had hij echt resultaat, maar de regering kwam weer met een volgende opdracht. Toen kapte hij ermee. Hij stuurde alle documenten op en bedankte voor de commissie.

Opdracht van God

Behalve dat hij het leuk vond, was er nog een reden dat hij heel graag verder onderzoek wilde doen naar elektriciteit en magnetisme. Hij zag het als een opdracht van God!

God heeft de krachten van de natuur altijd bedoeld voor ons goed en daarom geven ze een kans om ons leven te verbeteren. 

Om in te gaan op die bedoeling van God, moeten we proberen om de structuur van de schepping te doorgronden.

Elektriciteit was een nieuw ontdekte kracht van de natuur, maar met dat verbeteren van ons leven wilde het nog niet zo vlotten.

Je kon ermee

    • Verwarmen
    • Verlichten. Dat had Davy ontdekt.
    • Chemische elementen vrijmaken. Faraday heeft vast nog niet gedacht aan aluminiumfabrieken of aan waterstofauto’s, maar hij had wel door dat er heel veel mee kon.
    • Aandrijven. De elektromotor had hij zelf uitgevonden.

Alleen was er geen manier om genoeg elektriciteit op te wekken voor al dat moois. Alle elektriciteit kwam uit grote, zware en snel uitgeputte batterijen.

Hier zie je hoe het er toen aan toeging. Humphry Davy demonstreert voor een groot publiek hoe je met elektriciteit ook licht kunt maken. Uit de vloer komen eenvoudig twee draden. Die gaan naar een kelder met honderden batterijen, die ook ook nog eens door verschillende mensen in de gaten worden gehouden en vervangen als het nodig is. Allemaal voor dat ene lampje!

Dynamo

Beweging maken door elektriciteit kon dus. Faraday was ervan overtuigd dat het dan ook mogelijk zou zijn om door beweging elektriciteit te maken. God liet Zijn schepping toch regeren door mooie wetten! Hij had nu zijn handen vrij. In 1831 kwam de grote ontdekking. Na tien dagen experimenteren en intens nadenken lukte het hem!

De eerste dynamo. Gemaakt door de Fransman Pixii.

Dit is dus het principe van de dynamo (inductie heet dat). Toen dit ontdekt was, had binnen een jaar een instrumentenmaker een apparaat gemaakt dat stroom leverde als je aan een kruk draaide.

Als je aan een kruk kunt draaien, kun je er ook een windmolen opzetten. Of een watermolen, of een stoommachine. Of een stoomturbine, die wordt aangedreven door kolen, olie, gas, biomassa, kernenergie, of wat er nog uitgevonden gaat worden om stoom te maken. Alle elektrische centrales werken op deze manier!

Toepassing

Nu elektriciteit op grote schaal kon worden opgewekt, konden onderzoekers en uitvinders hun gang gaan om nieuwe toepassingen te bedenken. Naast de elektromotor en elektrisch licht de telegraaf, telefoon, radio, televisie, computer, mobieltje, koelkast, koken, etc., etc.

Alle begin gaat langzaam

Zoals met alle nieuwe ontdekkingen, kwam de invoering van die toepassingen langzaam op gang. Tot 1880 waren dat

    • De door Samuel Morse uitgevonden telegraaf. In 1866 werd de eerste werkende trans-Atlantische kabel in gebruik genomen.
    • De elektrische booglampen. Die werden gebruikt in vuurtorens en later ook in steden.
    •  In de industrie werd elektriciteit gebruikt om voorwerpen te verchromen of te vernikkelen en om chloor en soda te maken.

Lichtnet

De eer voor wat de Amerikanen zo lelijk de ‘killer application‘ noemen, gaat naar Thomas Edison. Hem lukte het in 1879 om een elektrische lamp te maken die maanden kon blijven branden, in plaats van een paar uur. De eerste toepassing van elektriciteit, die ieder huishouden wilde hebben. Hierom ging men elektriciteitsnetten aanleggen. Bij ons nog steeds ‘lichtnet‘ genoemd.

Faraday in zijn laboratorium in de Royal Institution in Londen

Theorie

Faraday was wetenschappelijk onderzoeker. Het maken van elektromotoren en dynamo’s liet hij aan anderen over. Hij plaatste wel de verschijnselen in een theoretisch kader. Een door God geschapen natuurwet.

Het heeft God behaagd om in Zijn schepping te werken met wetten. Hoe wonderbaarlijk vind ik de eenvoud van de natuur als we haar wetten op de juiste manier interpreteren.

En

 Door onderzoek van de schepping verheerlijken we ook de Schepper. Want het boek van de natuur, dat wij moeten lezen, is geschreven door de vinger van God.

Elektromagnetisme

Elektriciteit en magnetisme waren twee kanten van hetzelfde.  Overal, ook in een vacuüm, zijn elektromagnetische velden aanwezig. Daar kreeg hij eerst weinig bijval voor, maar hij had gelijk!

Licht en zwaartekracht

Hij zag licht ook als een elektromagnetisch verschijnsel. In 1845 wist hij aan te tonen dat dat inderdaad zo is. Hij probeerde ook zwaartekracht onder diezelfde noemer te brengen. Dat is hem niet gelukt.

Een troost, Albert Einstein lukte het 100 jaar later ook niet, ondanks dat hij er veel tijd aan besteedde. En nu, duizenden wetenschappers later, is het nog niet gelukt! Misschien gaat God het ooit geven aan een onderzoeker die het even waard is als Michael Faraday.

Zijn leven als christen

Door zijn ontdekkingen was hij dus heel beroemd geworden, maar hij bleef ook actief lid van zijn gemeente. Verschillende periodes was hij ook lerend ouderling en bezocht hij gemeenteleden. Soms kwamen wetenschappers uit nieuwsgierigheid naar zijn kerkje.

Het botste ook weleens. Op een zondag bleef zijn plaats in de ouderlingenbank leeg. Toen de oudsten hem later vroegen wat daarvan de reden was, antwoorde hij: ‘Koningin Victoria had me op het paleis ontboden voor een diner’. Dat vonden ze geen geldige reden en hij werd voor een tijd uitgesloten van het Heilig Avondmaal. Hij aanvaardde dat in nederigheid.

Adel en kinderen

Faraday sloeg het aanbod om in de adelstand te worden verheven af. Hij wilde geen Sir Michael Faraday heten. Hij stelde er meer belang in om kinderen enthousiast te maken, net zoals hijzelf in zijn jeugd. Daarom begon hij om met elke kerst een lezing met proefjes te geven voor kinderen. Engeland zou Engeland niet zijn als dat geen traditie was geworden. Tot op de huidige dag.

Kerstlezing voor kinderen (en hun ouders)

Gifgas en vuurtorens

Toen de regering hem vroeg om mee te werken aan de ontwikkeling van gifgas voor de Krimoorlog, weigerde hij. Hij besteedde wel veel tijd en moeite aan het verbeteren van de vuurtorens in Engeland, hoewel dat niet direct in het verlengde van zijn onderzoek lag.

Pensioen

Op zijn oude dag werd hij vergeetachtig en kon hij zijn werk niet meer doen. Toen bleek dat hij niets had gespaard. Hij had alles gegeven aan de ondersteuning van zijn familie en van behoeftige gemeenteleden. Dat was ook de regel in zijn gemeente. Het koninklijk huis gaf hem toen gratis levensonderhoud en een huis om in te wonen op het terrein van paleis Hampton Court, buiten Londen. Welverdiend!

Het huis van Michael Faraday en zijn vrouw op het terrein van paleis Hampton Court

Andere ontdekkingen

Tussendoor heeft Michael Faraday nog andere dingen ontdekt.

De Kooi

Hij ontdekte dat elektriciteit niet door een metalen kooiconstructie kan dringen. Hij heeft dit gedemonstreerd door op een podium in een op deze manier geïsoleerd kamertje te gaan zitten, waar hij grote vonken naartoe liet springen. Helemaal op zijn gemak!

Dit wordt toegepast in bijvoorbeeld magnetrons. Hier zorgt de afscherming ervoor dat de straling niet naar buiten kan komen.

Benzeen

In die tijd ontdekte hij onder meer benzeen, een chemische stof, die we nu gebruiken om plastic, rubber, verven, lijmen, was, nylon, oplosmiddelen, pesticiden en geneesmiddelen te produceren. Vroeger ook een belangrijk bestanddeel van benzine.

Rubberen ballonnen

In zijn tijd gebruikte men varkensblazen om lucht of een ander gas in te blazen. Faraday vond dat onhygiënisch. Hij bedacht dat het net zo goed kon met rubber.

Door het geloof heeft Michael Faraday ons elektriciteit gegeven

De Engelse onderzoeker Michael Faraday (1791-1867) was een gelovig en bescheiden man. Hij is nooit erg bekend geworden. Toch hebben we veel aan hem te danken! Hij heeft gezorgd voor de doorbraken waardoor elektriciteit is veranderd van een speeltje voor onderzoekers in een kracht waar iedereen veel nut van heeft. Zijn geloof speelde bij die ontdekkingen een beslissende rol. Dit was voor mij een grote verrassing, toen ik het opwekken van elektriciteit ging uitzoeken, vanwege een vraag van een kleinzoon.

Bekijk mijn video (5:19)!

Meer weten over Michael Faraday en zijn ontdekkingen? Lees het artikel  Het wonderlijke leven van Michael Faraday

Psalm 29 – Een elektrische psalm

Psalm 29
Gods Majesteit in het Onweer
Door de eeuwen heen heeft God zijn kracht en majesteit laten zien in het onweer, een elektrisch verschijnsel.
Hij heeft ook iets van die kracht, de elektriciteit, gegeven aan de mensen (Psalm 29:11)
Hij heeft dat gedaan via Michael Faraday (1791-1867), een onderzoeker met een bijzondere levensgeschiedenis.
Michael Faraday geloofde dat ‘God Zijn schepping mooi had gemaakt en altijd heeft bedoeld voor ons goed. Onderzoek van die schepping geeft ons daarom een kans om ons leven te verbeteren’. Faraday vond zo’n kans!
Hij ontdekte het principe van de elektromotor en ook hoe je elektriciteit kunt opwekken door een dynamo/generator. Zo werken fietsdynamo’s, alle elektrische centrales en windmolens.
Door die ontdekkingen veranderde elektriciteit van een speeltje voor wetenschappers tot iets waar alle mensen nut van hebben.
Dat nut groeit nog steeds! Kijk maar naar alle elektrische lampen, apparaten, mobieltjes en auto’s die we nu gebruiken.

De God van de Farao

In het boek Exodus lezen we hoe de HEERE zijn volk heeft bevrijd uit de macht van de farao, de despoot van Egypte. Wat voor beeld zou deze man hebben gehad van deze God? In de hoofdstukken 5 t/m 12 worden we daarbij meegenomen. Hiermee wordt voor ons, de lezers, ook duidelijk wie Hij is.

‘HEERE’ is de oude aanduiding van de ENE God. In dit artikel zullen we verder JHWH gebruiken, naar het Hebreeuwse woord

Behalve ‘HEERE’ wordt die naam ook uitgesproken als ‘de Heer’, ‘de Eeuwige’, of ‘de Ene’.

Hoe het begon

Wie is JHWH, naar Wiens stem ik zou moeten luisteren door Israël te laten gaan? Ik ken JHWH niet en ik zal Israël ook niet laten gaan.‘ 

Aldus de farao toen Mozes hem voor het eerst meedeelde dat JHWH wilde dat hij Zijn volk moest laten gaan.

Hoe het verder ging

Niet veel bijzonders

moet hij gedacht hebben na de eerste twee rampen (Ex. 7:8-8:15). Zijn magiërs hadden gedemonstreerd dat zij het ook konden. Weliswaar op veel kleinere schaal en ongetwijfeld door trucs, maar dat was wel een geruststelling.

Het werd anders na muggenplaag. ‘Dit is de vinger van God’, waarschuwden de magiërs (Ex 8:19). Hij luisterde niet naar ze. Maar inmiddels was het wel duidelijk. Die JHWH was een macht,

als één van de Egyptische goden.

Egyptische goden - Rijksmuseum voor Oudheden, Leiden

De rampen die volgden hadden meer dan één doel

    • De farao en Egyptenaren steeds meer onder druk zetten om de Israëlieten te laten gaan.
    • De farao net zo te behandelen als hij de Israëlieten had gedaan. Als een slaaf. (Mijn artikel daarover).
    • Om te laten zien dat de God van Israël veel meer is dan de Egyptische goden (Exodus 12:12). 
De zonnegod Ra beeldde men af als een mens met de kop van een valk en daarop de zonneschijf

De negende ramp, duisternis, lijkt voor ons alleen hinderlijk. Niet zo erg als de andere rampen. Voor de Egyptenaren was dat anders. De zonnegod Ra was de belangrijkste godheid van Egypte. De farao noemde zichzelf een zoon van Ra. Door het in Egypte drie dagen donker te maken, terwijl het licht bleef voor de Israëlieten, liet JHWV zien dat Hij hoger is dan de hoogste Egyptische god.

Zie ook mijn ludiek artikel De goden van Egypte en Mozes.

De conclusie van de farao zal dan ook ongetwijfeld geweest zijn:

Een god, die sterker is dan de Egyptische goden.

Als laatste kwam de grootste ramp. Alle eerste zonen, de opvolgers, stierven. 

Nu wilde hij alleen maar van dat volk en van die god verlost zijn. ‘Ga weg! en ‘Zegen ook mij!‘ (Ex. 12:31,32)

Sombere farao denkt na over wat hem is overkomen

Hoe het afliep

Op het moment dat hij toe had moeten geven, voelde hij zich daar te sterk, trots en vastberaden voor. Daardoor waren hem en zijn Egyptenaren erge rampen overkomen. Daardoor ook had het kunnen gebeuren dat de Israëlieten, in plaats van drie dagen in de woestijn te gaan bidden, helemaal waren ontsnapt. Vooral de laatste keer, toen hij na alles, toch zijn leger op hen afgestuurd had om ze bij de Rode Zee terug te halen. Hoe had hij het kunnen doen?!

Die god van Israël had de gedachten van hem, de machtige, goddelijke, farao zo beïnvloed dat hij een werktuig was geworden om het doel van die god te bereiken. Hij was een slaaf geworden onder zijn commando.

Dat lag ver buiten de macht van de goden die hij aanbad. Dan moest die god niet alleen maar sterker zijn, maar van een heel andere categorie dan zijn goden.

Een God, heel anders dan de goden!

Farao ziet het licht

Zou hij deze conclusie inderdaad getrokken hebben? Of toch niet?

In Exodus 7:5, helemaal aan het begin van de confrontatie, zegt God tegen Mozes: ‘Dan zullen de Egyptenaren weten dat Ik de JHWH ben, als Ik Mijn hand over Egypte uitstrek en de Israëlieten uit hun midden wegleid’.

De JHWH
de ENE
IK BEN DIE IK BEN
Die God, anders dan de goden.

Dus wel!

Psalm 131 kaart

Toelichting

Beeld

Bij het zoeken in mijn fotoverzameling naar een passende afbeelding voor de kaart, liep ik deze tegen het lijf. Ooit bij een kennis aan de muur zien hangen.

Tekst

Dit is een eigen vertaling. Ik heb geprobeerd om de bedoeling weer te geven, zoals iemand het nu op zou kunnen schrijven. Dat wil niet zeggen, dat ik hem beter vind dan welke officiële vertaling dan ook. Vanuit dezelfde tekst zijn altijd meerdere vertalingen mogelijk. Voor kerk en studie prefereer ik een vertaling die, als er verschillende interpretaties mogelijk zijn, dit aan de lezer overlaat. Die op deze kaart vult dat juist voor je in.

In deze vertaling heb ik het woord ‘ziel’ wegvertaald. Het is een ervaringsfeit en zeker bijbels, dat een mens meer is dan alleen een lichaam. Maar in oude tijden was het gebruikelijk om over ‘je ziel’ te spreken als wij ‘jezelf’ zeggen. Ook waren er uitdrukkingen als ‘mijn ziel verblijdt zich’ en ‘mijn ziel weet dat’. Nu zeg je iets als ‘ik voel me blij’ en ‘ik ben me ervan bewust’.

De hoeksteen van deze psalm

In het Hebreeuws hebben letters een getalswaarde. Een woord heeft dan de getalswaarde van al zijn letters bij elkaar opgeteld. Er zijn heel wat psalmen waarbij het aantal woorden van de psalm precies gelijk is aan de getalswaarde van het kernwoord. In dit geval is dat aantal 30. Het kernwoord is ‘hoop‘ of ‘verwacht‘.

Dat woord staat aan het begin van de laatste zin. Daarmee fungeert het als een soort hoeksteen, waarop de hele psalm rust. Daarom heb ik de letters van die woorden groter gemaakt dan de andere.

Alleen door onze hoop en verwachting op de HEER te stellen, kunnen we tot die innerlijke, kinderlijke, rust komen.

C.H. Spurgeon: ‘Dit is een van de kortste psalmen om te lezen, maar een van de langste om te leren‘.

Israël is een Leeuw!

Veel mensen zijn geschokt door hoe Israël zich gedraagt in het Midden Oosten. Als reactie op aanvallen vanuit buurlanden, slaat de Joodse Staat ongelofelijk hard terug. ‘Buiten proportioneel’, ‘verschrikkelijk’, ‘onaanvaardbaar’, zijn duidingen waar je niet lang naar hoeft te zoeken in de dagelijks nieuwsberichten.

Er is ook de categorie oorlogspropaganda. Elke oorlogvoerende partij heeft er belang bij om de tegenstander zo wreed mogelijk voor te stellen. Dan vallen termen als ‘uithongeren’ en ‘genocide’. En natuurlijk worden alleen onschuldige kinderen getroffen. Sommigen zijn maar al te graag bereid om de ergste overdrijvingen en verzinsels vanuit Palestijnse kant direct te geloven.

Niettemin, de nietsontziende kracht waarmee Israël zijn aanvallers aanvalt is ongekend! Nog nooit in wereldgeschiedenis is het vertoond dat een land naar diverse kanten juist de leiders van zijn tegenstanders weet te doden.

In het verleden werden de Joden door de volken vaak gezien als honden om tegen te trappen. Of als katjes om te verzuipen. Ergens verwachten we nu nog dat de Joodse Staat zich nederig, of in ieder geval netjes, gedraagt. De waarheid vanuit de Bijbel vinden we in de profetieën van Jacob, Bileam en Micha. Hier komen ze:

Jacob: (Genesis 49:9)

Juda is een leeuwenwelp;
van je prooi ben je opgestaan, mijn zoon.
Hij heeft zich gekromd, zich als een leeuw neergelegd,
als een leeuwin; wie zal hem doen opstaan?

Bileam: (Numeri 24:8,9)

God heeft hem uit Egypte geleid;
Hij is hem als de hoorns van een wilde os.
Hij zal heidenvolken, zijn tegenstanders, verslinden;
hun beenderen zal hij breken,
en met zijn pijlen doorboren.

Hij kromt zich, hij legt zich neer
als een leeuw, als een leeuwin; wie zal hem doen opstaan?
Wie u zegent, is gezegend,
wie u vervloekt, is vervloekt!

Micha: (Micha 5:7,8)

Ja, het overblijfsel van Jakob zal onder de heidenvolken zijn, 
te midden van veel volken,
als een leeuw onder de dieren van het woud,
als een jonge leeuw onder de schaapskudden,
die, wanneer hij erdoorheen trekt, vertrapt en verscheurt,
en er is niemand die redt.
Uw hand zal verhoogd zijn boven uw tegenstanders
en al uw vijanden zullen uitgeroeid worden.

In de tijd van David leek Israël ook op een leeuw, die de omliggende landen verslond.

Nu maken we weer mee dat Israël zich gedraagt als ten tijde van David. Dit in overeenstemming met de profetieën van Jacob, Bileam en Micha. Opmerkelijk! We leven in een heel bijzondere tijd!

Vragen die op kunnen komen bij deze stelling

Mag je deze profetieën wel op onze tijd toepassen?

Mijn antwoord:

Je mag een profetie altijd toepassen als er gebeurt wat er is voorzegt. Zo hebben de evangelieschrijvers het gedaan!

Enkele voorbeelden

Mattheüs 2:15 En hij (Jozef met Maria en Jezus) bleef daar tot de dood van Herodes, opdat vervuld werd wat door de Heere gesproken is door de profeet: Uit Egypte heb Ik Mijn Zoon geroepen.
Dit refereert aan Hosea 11:1, wat in eerste instantie doelt op het volk Israël, dat God uit Egypte bevrijdde.

Handelingen 4:24,25 En toen zij dat gehoord hadden, verhieven zij eensgezind hun stem tot God en zeiden: Heere! U bent de God Die de hemel en de aarde en de zee gemaakt hebt, en alle dingen die erin zijn, en Die bij monde van David, Uw knecht, gezegd hebt: Waarom woeden de heidenvolken en bedenken de volken wat inhoudsloos is? Dit is een citaat van Psalm 2:1.

In beide gevallen kun je zeggen dat de gebeurtenissen in het Nieuwe Testament een vervulling zijn van wat de geciteerde profetie. Niet de complete vervulling.

Kan het gedrag van Israël op dit moment, onder leiding van Netanyahu, dan niet moreel verwerpelijk zijn?

Mijn antwoord:

Moreel rechtvaardig of verwerpelijk staat los van de vervulling van de profetieën. Laten we het maar vergelijken met koning David.

De profetie: Samuel had David tot koning gezalfd (1 Sam. 16:13) op een moment dat hij alleen maar met schapen bezig was.

De vervulling: Na veel verwikkelingen werd David inderdaad door het hele volk tot koning aangesteld (2 Sam 5:3).

Als koning heeft David onder meer

    • Israël rust gegeven van zijn vijanden.
    • Het land tot een eenheid gesmeed.
    • De nakomelingen van zijn oude rivaal Saul heel goed behandeld. Dit in tegenstelling tot het gebruik om zulke potentiële tegenstanders preventief uit te roeien.
    • Overspel gepleegd en daarna een moord.
    • Minstens één oorlogsmisdaad gepleegd. Hij liet krijgsgevangenen doden (2 Sam. 8:2).
    • Tussendoor liederen geschreven die door de eeuwen heen populair zijn gebleven.

Uiteindelijk mocht David geen tempel voor de HEER bouwen omdat hij veel bloed had vergoten (1 Kr. 22:8).

Dit alles staat los van het feit dat de profetie van Samuel dat David koning zou worden helemaal is vervuld!